Philip Akkerman wordt de nieuwe stadstekenaar van Den Haag en gebruikt zijn eigen zelfgemaakte verf
Den Haag, donderdag, 12 februari 2026.
Philip Akkerman, bekend van zijn duizenden zelfportretten in Nederlandse musea, is benoemd tot stadstekenaar van Den Haag voor 2026. Hij volgt Kexin Hao op en gaat de moderne architectuur van de hofstad vastleggen met de eeuwenoude tempera techniek. Daarbij maakt hij zijn verf zelf met kleurige pigmenten en eigeel. Akkerman woont al sinds de jaren zeventig in Den Haag en tekende er in de jaren tachtig ook al stadsgezichten. Nu gaat hij de sterk veranderde stad opnieuw vastleggen.
Van zelfportretten naar stadsgezichten
Akkerman is geen onbekende in de Nederlandse kunstwereld. Hij schilderde al meer dan tienduizend zelfportretten [3] en ontving in 1999 de prestigieuze Ouborgprijs [1][3]. Geboren in Vaassen in 1957, studeerde hij aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag [1][2][3]. Zijn zelfportretten hangen in veel Nederlandse musea [2]. Nu maakt hij de overstap naar een heel ander genre. Als derde stadstekenaar van Den Haag [1][3] gaat hij de veranderende stad vastleggen met inspirerende en verrassende tekeningen [1]. Den Haag kreeg pas in 2023 een stadstekenaar [1][3]. Akkerman volgt Kexin Hao op, wiens werk nog tot eind februari te zien is in het Atrium van het Stadshuis [5].
Een liefdesverklaring aan een veranderde stad
Akkerman koestert een diepe band met Den Haag. “Toen ik halverwege de jaren zeventig in Den Haag kwam wonen, was ik gelijk verliefd op de stad. Den Haag was toen een arme stad. Sindsdien is er heel veel veranderd, maar nog steeds ben ik gek op Den Haag”, vertelt hij [1][3]. In de jaren tachtig tekende hij al eerder stadsgezichten van de hofstad [1][3]. Nu, ruim veertig jaar later, ziet de stad er compleet anders uit. “Er is een hoop gesloopt en nieuw gebouwd” [3]. Akkerman wil niet alleen de moderne architectuur van verschillende stadsdelen vastleggen, maar ook een stem geven aan de veranderende stad en haar inwoners [3]. Zijn eerste stadsgezicht verschijnt op 19 februari in de krant [2].
Eeuwenoude techniek voor moderne stad
Alle tekeningen van de stadstekenaar worden opgenomen in de beeldcollectie van het Haags Gemeentearchief en zijn te zien in verschillende bibliotheken in de stad [1][3]. Zo ontstaat een tijdsdocument van Den Haag voor nu en de toekomst [1][3]. Het stadstekenaarschap is een samenwerking tussen de gemeente Den Haag, Bibliotheek Den Haag, het Haags Gemeentearchief en kunstruimte Nest [3]. Voor Hagenaren betekent dit dat ze hun veranderende stad door de ogen van een gepassioneerde kunstenaar kunnen bekijken. Akkerman belooft zijn tekeningen te voorzien van begeleidende teksten over de betreffende gebouwen en stadsdelen [3]. Een artistiek archief dat laat zien hoe Den Haag eruitziet in 2026.