Boedapest ziet grootste politieke confrontatie in jaren voor cruciale verkiezingen
Boedapest, zondag, 15 maart 2026.
Op nationale feestdag 15 maart gingen honderdduizenden Hongaren de straat op in twee rivaliserende marsen. Premier Orbán mobiliseerde zijn aanhangers met waarschuwingen voor een toekomst zonder hem, terwijl oppositieleider Magyar zijn grootste demonstratie ooit organiseerde. Beide kampen claimen de overwinning qua opkomst. Over vier weken, op 12 april, bepalen de verkiezingen of Orbáns zestienjarige heerschappij eindigt. Peilingen tonen een nek-aan-nek race tussen Fidesz en de nieuwe Tisza partij van Magyar.
Massale demonstraties tonen diepe verdeeldheid
De straten van Boedapest waren zondag het toneel van de grootste politieke confrontatie sinds de regimewisseling van 1989 [1]. Orbáns Békemenet verzamelde volgens regeringscijfers 180.000 mensen, terwijl Magyar’s Nationale Mars er 150.000 trok [2]. Magyar claimde echter een opkomst van een half miljoen demonstranten [2]. De 70-jarige Melinda Mátyás, die bij het Heldenplein stond, herinnerde zich de vrijheidsstrijd van 1989 en zag parallellen met vandaag [1]. “Het regime wordt zwakker en zwakker,” riep de menigte, die Hongaarse vlaggen droeg en ‘Russen naar huis’ scandeerde - een verwijzing naar de opstand van 1956 [1]. Voor Nederlandse lezers is dit relevant omdat Hongarije als EU-lid invloed heeft op Europees beleid, van migratieregels tot sancties tegen Rusland.
Orbán mobiliseert met angstpolitiek
Orbán waarschuwde zijn aanhangers dat oppositieleider Magyar “tienduizenden migranten binnen zal laten” en het land “zal uitleveren aan het kwaad, aan Brussel en Oekraïne” [1]. De premier stelde dat er “een grotere overwinning nodig is dan in 2022, waarbij de drie miljoen stemmen niet het plafond maar de drempel zijn” [2]. Analist Mráz Ágoston Sámuel van het Nézőpont Instituut voorspelt dat Orbán “alles zal inzetten om de verkiezingen te winnen” in de komende 28 dagen [8]. Lilla, een 34-jarige vertaalster en regeringsaanhanger, verklaarde: “Het is heel belangrijk dat Orbán weer wint. Hij beschermt onze cultuur en steunt jonge families zoals wij” [1]. Het Békemenet-motto luidde veelzeggend: “Wij worden geen Oekraïense kolonie!” [2].
Magyar gokt op historische ommekeer
De voormalige politieke nieuwkomer Magyar, die pas twee jaar geleden opkwam, noemde zijn demonstratie “de grootste sinds de regimewisseling” [1]. Hij riep uit: “Laten we opnieuw zeggen dat onze eeuw in het verleden vastzit, dat de bevende keizer en zijn janitsaren die zich om hem heen verschuilen ook horen: ons land is onderdeel van het Westen, de Europese gemeenschap, NATO” [2]. IT’er Zsolt Lázár (27) reisde speciaal naar Boedapest: “Er was nog nooit zo’n kans om dit afschuwelijke en corrupte regime te veranderen” [1]. Volgens peilingen kan Magyar’s Tisza-partij een einde maken aan Orbáns zestienjarige electorale zegetocht [1]. Voor Nederlandse bedrijven die zaken doen in Hongarije kan een machtswissel grote gevolgen hebben voor investeringsklimaat en EU-relaties.