De vernieler van het Kousenmeisje gaat vrijuit: de politie sluit het onderzoek zonder dader
Emmen, woensdag, 3 juni 2026.
Op 9 mei 2026 werd het geliefde bronzen beeld omvergegooid. De camera’s zagen niets. De dader blijft onbekend.
Geen dader, geen straf — het onderzoek zit erop
In Emmen, Drenthe, blijft de vernieling van het Kousenmeisje ongestraft. Het bronzen beeld van beeldhouwer Pieter Starreveld stond aan de Hoofdstraat en werd op 9 mei 2026 op de grond aangetroffen [1]. De gemeente Emmen deed aangifte, de politie startte een onderzoek — en sloot dat onderzoek vervolgens af zonder ook maar één verdachte in beeld te hebben [1][2]. De camerabeelden leverden niets bruikbaars op. ‘Helaas is er onvoldoende daderindicatie voor nader onderzoek. Er is ook gekeken naar camerabeelden, maar we hebben geen beelden waarop iets te zien was dat ons kon helpen’, aldus de politie [1]. Kortom: de dader liep weg, en niemand zag het.
Een stukje naoorlogse geschiedenis van Emmen ligt in de opslag
Het Kousenmeisje is niet zomaar een beeldje. Het beeld stond vroeger voor de entree van kousenfabriek Danlon, lange tijd een van de grootste werkgevers van Emmen [1]. Oud-Danlonwerknemer Geert de Jong ontdekte de vernieling via foto’s op sociale media [alert! ‘het medium waarop De Jong de foto zag wordt in de bron niet nader gespecificeerd’] en is er duidelijk over: ‘Je moet zuinig zijn op het beeld, het is namelijk een stukje naoorlogse geschiedenis van Emmen’ [1]. De Jong liep zelf elke avond een rondje langs het beeld om te controleren of het nog vastzat — wat op zichzelf al een veelzeggende diagnose is van de beveiliging ter plekke [1]. Het beeld staat nu in beheer bij de gemeente Emmen. De omvang van de schade is nog onbekend [1].
Camera en een spotje — zo simpel kan de oplossing zijn
De politie gooit de deur niet helemaal dicht. ‘Mochten er zich alsnog nieuwe getuigen melden of interessante tips binnenkomen, dan kan er natuurlijk altijd opnieuw worden gekeken’, laat de politie weten [1]. De Jong zelf heeft ondertussen een pragmatisch plan klaar voor als het beeld terugkeert naar de Hoofdstraat. ‘Een camera en een spotje lost al veel op. Het beeld staat op een donkere plek en dat maakt het aantrekkelijk om aan het beeld te zitten’ [1]. Hij opperde eerder ook al om het beeld te verplaatsen naar een plek met meer sociale controle — de flat aan de Hoofdstraat zou daarvoor in aanmerking komen [1]. Terecht of niet, De Jong blijft optimistisch over de toekomst van het beeld zelf: ‘Ik heb goede hoop dat het beeld in goede staat terugkeert’ [1]. Of de dader ooit gevonden wordt, is een tweede. Voorlopig heeft die persoon een opmerkelijk schone lei [2].