Nederlandse staat voor het eerst voor rechter gedaagd vanwege ggz-wachtlijsten
Nederland, dinsdag, 7 april 2026.
Stichting Recht op ggz sleept de overheid voor de rechter wegens te lange wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg. 56.000 Nederlanders wachten langer dan 14 weken op behandeling, drie keer meer dan 15 jaar geleden.
Historische rechtszaak na jaren van frustratie
Voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis wordt de staat juridisch aansprakelijk gesteld voor de lange wachtlijsten in de ggz [1][2][3]. Na twee jaar voorbereiding reikt Stichting Recht op ggz dinsdag 7 april 2026 de dagvaarding uit [1]. De stichting, bestaande uit zorgmedewerkers en voormalige patiënten, ziet de rechtszaak als laatste redmiddel na vier jaar vruchteloze pogingen om de overheid tot actie te bewegen [4]. Gesprekken met ministers, zorgverzekeraars en Kamerleden leverden weliswaar enkele moties op, maar geen concrete verbetering [4]. De stichting stelt dat de staat tekortschiet in het beschermen van fundamentele mensenrechten, zoals het recht op goede zorg [1][2].
Dramatische cijfers tonen ernst van de crisis
De cijfers liegen er niet om: meer dan 56.000 Nederlanders met ernstige psychische aandoeningen wachten langer dan de maximumnorm van veertien weken op behandeling [1][3][4]. Dat is drie keer zoveel als vijftien jaar geleden [1][3]. Sommige patiënten wachten twee tot vijf jaar op hulp [1]. De gevolgen zijn dramatisch: wachtenden verliezen hun baan, kunnen hun hypotheek niet meer betalen en raken soms zelfs dakloos [1]. Naar schatting overlijdt dagelijks iemand op de wachtlijst door zelfdoding, blijkt uit onderzoek van 113 Zelfmoordpreventie [1][4]. De maatschappelijke schade loopt in de tientallen miljarden euro’s door werkuitval en overbelasting van hulpdiensten [3][6].
Experts noemen situatie een schandaal voor de zorg
Hoogleraar gezondheidsrecht Martin Buijsen van de Erasmus Universiteit Rotterdam steunt het initiatief volledig [2]. ‘Dit is hét grote schandaal van onze gezondheidszorg, hoe deze kwetsbaarste groep de dupe is van het zorgstelsel’, zegt hij [2]. Psychiater Manon Kleijweg, bestuurslid van de stichting, wijst op een pijnlijke paradox: ‘Vreemd genoeg is het binnen ons zorgstelsel het moeilijkst om zorg te regelen voor mensen die dat het meest nodig hebben’ [2]. De problematiek wortelt diep in het systeem: het ggz-macrobudget werd gekort met bijna 300 miljoen euro per jaar, ondanks dat zorgverzekeraars honderden miljoenen overhielden [4]. Sinds 2005 geldt officieel dat niemand langer dan 14 weken op zorg mag wachten, maar deze afspraak wordt structureel geschonden [2][6].