Europa draait koers: kernenergie afwijzen was strategische blunder
Brussel, dinsdag, 10 maart 2026.
Commissievoorzitter Von der Leyen erkent openlijk dat Europa’s afkeer van kernenergie een grote fout was. Vanaf 2030 moeten kleine modulaire reactoren de EU helpen ontsnappen aan dure energie-import. Met 200 miljoen euro wil Brussel investeerders lokken voor deze minireactoren die sneller en goedkoper zijn dan traditionele kerncentrales. De timing is geen toeval: spanningen in het Midden-Oosten tonen opnieuw hoe kwetsbaar Europa’s energievoorziening is. Nederland plant al vier nieuwe kerncentrales.
Van dertig naar vijftien procent: Europa’s kernenergie-kater
In Parijs gaf Von der Leyen dinsdag 9 maart 2026 toe dat Europa een cruciale fout heeft gemaakt [1][2]. “Terwijl in 1990 een derde van de Europese elektriciteit afkomstig was van kernenergie, is dat nu nog maar ongeveer 15 procent”, zei de commissievoorzitter op een kernenergietop [3]. Het resultaat? Europa betaalde in 2024 ruim 370 miljard euro voor olie- en gasimport [4]. “Voor fossiele brandstoffen zijn we volledig afhankelijk van dure en volatiele import. Daardoor hebben we een structurele achterstand op andere regio’s”, aldus Von der Leyen [1]. De huidige crisis in het Midden-Oosten - waar Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Iran en Iraanse vergeldingsacties het transport hebben stilgelegd - toont opnieuw hoe kwetsbaar dit Europa maakt [5][6]. Voor Nederlandse huishoudens betekent dit blijvend hoge energierekeningen. Ruim 40 miljoen EU-burgers kunnen hun energierekening niet of moeilijk betalen [4].
Kleine reactoren, grote plannen: de 2030-ambitie
Brussels antwoord zijn kleine modulaire kernreactoren - SMR’s - die vanaf begin jaren dertig operationeel moeten zijn [1][4][7]. Deze minireactoren zijn sneller en goedkoper te bouwen dan traditionele kerncentrales [3][7]. Ze kunnen ook warmte leveren aan zware industrie en datacenters [1]. “Zodat ze naast traditionele kernreactoren een sleutelrol kunnen spelen in een flexibel, veilig en efficiënt energiesysteem”, belooft Von der Leyen [3]. De Commissie maakt 200 miljoen euro vrij om private investeerders aan te moedigen [3][4][6]. Daarnaast wil Brussel sneller vergunningen afgeven [3]. Tegen 2050 verwacht de EU tussen de 17 en 53 gigawatt aan SMR-capaciteit [7]. Voor vergelijking: één gigawatt voedt ongeveer 750.000 huishoudens [GPT]. Nederland loopt voorop met plannen voor vier nieuwe kerncentrales [4]. Ook België heeft zijn kernuitstap geschrapt [6].
Groene realiteit check: kernenergie versus hernieuwbaar
De timing is pikant. Precies vijftien jaar na Fukushima en veertig jaar na Tsjernobyl keert Europa terug naar kernenergie [5]. In 2024 produceerden hernieuwbare bronnen 47 procent van de EU-elektriciteit, kernenergie 23 procent [6]. Maar die hernieuwbare energie heeft een probleem: als de wind niet waait en de zon niet schijt, vallen ze stil. Kernreactoren draaien door. EU-industriecommissaris Stéphane Séjourné noemt de koerswijziging “een doorbraak” [4][6]. Critici blijven sceptisch. Europarlementariër Mohammed Chahim (GroenLinks-PvdA) waarschuwt: “We moeten niet doen of dit de heilige graal van de energietransitie is. Het is voorlopig echt een theoretische realiteit” [1]. VVD’er Jeannette Baljeu slaat terug: “Je moet echt op grotere schaal met deze techniek aan de slag. Anders ligt al die techniek straks weer in China en Amerika en dan zijn we daar weer afhankelijk van” [1]. De EU heeft tot 2030 jaarlijks 660 miljard euro nodig voor de groene transitie, daarna 695 miljard euro per jaar [4]. Kernenergie wordt een cruciaal onderdeel van die puzzel.