Politici maken discriminerende taal online normaal volgens staatscommissie
Nederland, woensdag, 11 februari 2026.
De Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme waarschuwt dat uitspraken van politici discriminerende taal online vergroten en normaliseren. Onderzoek toont aan dat negatieve uitspraken over moslims en Joden in de Tweede Kamer binnen een week doorwerken in YouTube-reacties. Commissievoorzitter Joyce Sylvester benadrukt de gezamenlijke verantwoordelijkheid van politici, journalisten en platforms voor respectvol debat.
Onderzoek toont directe invloed politiek op online haat
Onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam analyseerden voor de Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme maar liefst 867.752 toespraken en interrupties uit de Tweede Kamer tussen 2014 en 2024 [1][2]. Ze doorzochten ook 2,7 miljoen YouTube-reacties en 1,5 miljoen krantenartikelen [2]. Het resultaat is glashelder: binnen zeven dagen na discriminerende uitspraken van Kamerleden stijgt het aantal vergelijkbare reacties op YouTube [1]. Een concreet voorbeeld toont de impact. Na de Maccabi-rellen in Amsterdam in november 2024 steeg het aandeel YouTube-reacties over moslims naar 6%, terwijl dit op 1 januari 2024 nog slechts 1% was [1]. VVD-Kamerlid Bente Becker vroeg het kabinet na de rellen om gegevens over culturele en religieuze normen van Nederlanders met een migratieachtergrond bij te houden [1].
Tweede Kamer stuurt het publieke debat aan
De Tweede Kamer heeft een ‘centrale en richtinggevende positie’ in het publieke debat over Joden, moslims en herkomst van mensen [2]. De sterkste invloed loopt van de Kamer naar YouTube-reacties, en in mindere mate naar nationale kranten [2]. Opvallend: uitingen in kranten hebben geen invloed op Kamerleden, maar sociale media wel [2]. Dit creëert een gevaarlijke spiraal waarin discriminerende taal steeds normaler wordt [3]. Naast moslims en Joden worden ook mensen met een andere herkomst frequent op discriminerende wijze beschreven via termen als ‘zigeuner’, ‘asielzoeker’ en ‘Turk’ [1]. Discriminatie op grond van geslacht of seksuele oriëntatie vertoont minder sterke verbanden [1].
Platforms moeten transparanter worden
Commissievoorzitter Joyce Sylvester waarschuwt: ‘Politici, journalisten, socialemediaplatforms en gebruikers dragen gezamenlijk verantwoordelijkheid voor een publiek debat dat volgens principes van gelijkwaardigheid wordt gevoerd’ [1][2]. Het doorbreken van discriminatie ‘vraagt om continue bewustwording van de impact van woorden’ [1][2]. YouTube werkte mee aan het onderzoek, maar platform X weigerde [1]. Sylvester eist meer transparantie: ‘Hoe algoritmes werken, moderatie plaatsvindt en hoe berichten worden verspreid, is voor de samenleving grotendeels onzichtbaar’ [1]. Haar boodschap aan politici is helder: ‘Maak discriminatie niet gangbaar’ [1][3]. De staatscommissie, opgericht in 2022 op verzoek van de Tweede Kamer, gebruikt het Franse taalmodel Mistral AI om discriminerende uitingen te herkennen [1].