Johnny Jordaan ligt 37 jaar na zijn dood vergeten tussen het onkruid op Vredenhof
Amsterdam, zaterdag, 31 januari 2026.
De zanger van ‘Geef mij maar Amsterdam’ rust sinds 1989 op begraafplaats Vredenhof, maar zijn graf ziet er vandaag verwaarloosd uit. Groene grafstenen, een verroeste microfoon en een kapotte ingelijste foto tonen hoe Amsterdam omgaat met zijn culturele icoon. Alleen achterneef Leonard Zuiver bekommert zich nog om het graf. Hij noemt Johnny ‘de Sint’ omdat hij alles weggaf aan mensen in nood. Terwijl zijn liedjes nog overal klinken, vraagt de familie of de gemeente Amsterdam niet meer verantwoordelijkheid moet nemen voor dit culturele erfgoed.
Achterneef Leonard vindt graf in slechte staat
Leonard Zuiver, 61 jaar oud en achterneef van Johnny Jordaan, bezoekt het graf gemiddeld eens in de zes weken [1]. Hij constateert op 31 januari 2026 dat het graf er verwaarloosd bij ligt [1]. Het familiegraf, waar ook Jordaans moeder Mijntje en twee oma’s liggen, is bedekt met bladeren [1]. De grafstenen zijn groen uitgeslagen, een zangmicrofoon is verroest en een ingelijste foto heeft betere tijden gekend [1]. “Het ziet er toch niet uit. Zo ga je niet om met zo’n legendarische zanger”, zegt Leonard [1]. Op de grafsteen staat: ‘Hier rust Johnny Jordaan Geb. 7 februari 1924 Overl. 8 jan. 1989’ [1].
De Sint die alles weggaf
Johnny Jordaan, eigenlijk Jan van Musscher geboren op 7 februari 1924, overleed op 8 januari 1989 op 64-jarige leeftijd [1]. Zijn begrafenis in 1989 was een nationaal gebeuren [1]. Leonard herinnert zich Johnny als ‘de Sint’ omdat hij alles weggaf [1]. “Een televisie was in de jaren zeventig echt nog een grote uitgave. Kon iemand geen tv betalen, dan kreeg hij die zo cadeau van Johnny”, vertelt Leonard [1]. Johnny kreeg in 1952 een beroerte na de dood van zijn moeder en liet later zijn moeder Mijntje Verbruggen opgraven en herbegraven in het familiegraf [1]. Hij was een volle neef van Willy Alberti [1].
Gemeente Amsterdam zou meer moeten doen
Leonard vindt dat de gemeente Amsterdam een taak heeft in het onderhouden van het graf van Johnny Jordaan [1]. Hij zou graag zien dat het graf wordt onderhouden door een professionele hovenier en voorzien van een afdekplaat [1]. “Misschien zijn er lezers van Het Parool die zich aangesproken voelen. Maar ligt hier ook niet een taak voor de gemeente? Johnny Jordaan is cultureel erfgoed van Amsterdam, zou ik zeggen”, vraagt Leonard zich af [1]. Terwijl de liedjes van Johnny nog overal klinken, krijgt zijn graf blijkbaar niet de zorg die het verdient volgens zijn familie [1].