COA-baas Milo Schoenmaker stapt op om het migratiebeleid onder de loep te nemen
Gouda, vrijdag, 2 januari 2026.
Milo Schoenmaker verlaat het COA na zeven jaar om samen met topambtenaar Harry Paul het Nederlandse migratiebeleid te onderzoeken. Tijdens zijn periode groeide de opvang van 22.000 naar bijna 80.000 mensen. Tegelijk vraagt het COA noodopvang in Nieuwegein voor 300 vluchtelingen.
Van opvangcrisis naar onderzoeksmissie
Schoenmaker trad in 2019 aan als COA-bestuursvoorzitter toen de organisatie ongeveer 22.000 mensen opving [1]. Inmiddels vangt het COA bijna 80.000 mensen op - een stijging van 263.636 procent [1]. Die explosieve groei maakte zijn werk behoorlijk uitdagend. ‘De uitdagingen waren en zijn enorm’, zegt Schoenmaker zelf [1]. Nu krijgt hij de kans om zijn ervaring in te zetten voor iets groters: samen met topambtenaar Harry Paul van de Algemene Bestuursdienst gaat hij onderzoeken wat er nodig is voor een helder toekomstperspectief van het Nederlandse migratiebeleid [1]. Het onderzoek gebeurt in opdracht van het ministerie van Asiel en Migratie [1].
Noodopvang Nieuwegein als symptoom van het probleem
Terwijl Schoenmaker vertrekt, illustreert een nieuwe noodopvang in Nieuwegein precies waarom zijn onderzoek zo urgent is. Vanaf 3 januari worden maximaal 300 vluchtelingen vijf weken opgevangen in de Beursfabriek [2]. Het COA deed de gemeente een dringend verzoek voor deze tijdelijke noodopvang [2]. De reden? Een landelijk tekort aan opvangplekken en het sluiten van tijdelijke locaties eind december en in januari elders in het land [2]. Voor omwonenden is er een meldpunt via informatiepunt-vluchtelingen@nieuwegein.nl waar zij terecht kunnen met vragen [2]. Tijdens de opvangperiode is er 24/7 iemand bereikbaar op locatie [2].
Waarneming en continuïteit
Bestuurslid Joeri Kapteijns neemt tijdelijk de functie van Schoenmaker over [1]. De vacature voor bestuursvoorzitter wordt zo snel mogelijk opengesteld [1]. Het COA en de ministeries van Justitie en Veiligheid en Asiel en Migratie danken Schoenmaker hartelijk voor zijn inzet en de wijze waarop hij de functie heeft ingevuld [1]. Voor Schoenmaker zelf is het afscheid emotioneel: ‘Ik ga de organisatie, maar vooral natuurlijk de mensen bij het COA, missen. Het COA heeft echt een plekje in mijn hart gekregen’ [1].