Benzine wordt duurder en jouw werkgever betaalt niet mee
Nederland, zaterdag, 6 juni 2026.
Benzine kost nu €2,52 per liter. Deze zomer stijgt dat mogelijk naar €2,82. Toch krijgt 95% van de werknemers geen hogere reiskostenvergoeding. Twee derde van alle werkenden heeft de auto nodig om te werken.
Vijf procent heeft geluk, de rest betaalt zelf
Uit een enquête van vakbond CNV onder 1.800 leden blijkt dat slechts 5 procent van de werknemers een hogere reiskostenvergoeding ontvangt vanwege de stijgende brandstofprijzen [1]. Dat betekent dat 95 procent gewoon blijft bijbetalen. En bijbetalen doen ze: 80 procent van de werknemers legt al geld toe op de reiskosten, en 40 procent geeft aan moeilijker rond te komen [1]. Eén op de drie werknemers krijgt minder dan 23 cent per kilometer vergoed, en 12 procent krijgt helemaal niets [1]. Het kabinet verhoogde de onbelaste reiskostenvergoeding rond 21 april 2026 met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 naar 25 cent per kilometer — een stijging van 2 cent [1]. Jolanda van Zwieten van CNV is duidelijk: “Het is mooi dat er een lichte stijging is, maar het betekent ook dat er bij 95 procent van de werknemers niks is veranderd” [1]. Zij pleit voor een accijnsverlaging van 20 cent per liter. Werkgeversvereniging AWVN verwacht overigens dat pas rond juni 2027 bij veel cao’s een vergoeding van 25 cent per kilometer zal zijn afgesproken [1]. Prettig vooruitzicht als je nú elke dag tankt.
Rabobank waarschuwt: €2,82 per liter deze zomer
RaboResearch publiceerde op 3 juni 2026 een kwartaalbericht met een stevige waarschuwing [2]. De aanhoudende oorlog tussen de VS en Iran drijft de energieprijzen op. Econoom Wouter Remmen van Rabobank verwacht dat benzine deze zomer stijgt naar €2,82 per liter — een stijging van 11.905 procent ten opzichte van de huidige adviesprijs van €2,52 [2]. De olieprijs kan daarbij pieken op 135 dollar per vat [2]. Oliehandelaar Trafigura meldde op donderdag 4 juni 2026 bovendien dat de benzinemarkt zich op een ‘kantelpunt’ bevindt door het snel uitputten van strategische voorraden [1]. Het Internationaal Energieagentschap waarschuwde al in de week van 26 mei 2026 voor extreem hoge brandstofprijzen [2]. De pijn stopt niet bij de pomp: nieuwe energiecontracten worden in het najaar van 2026 mogelijk tot €40 per maand duurder, richting €270 per maand [2]. Remmen: “Deze stijging vertaalt zich direct in hogere kosten voor huishoudens en bedrijven” [2]. De inflatie komt in 2026 naar verwachting uit op 3 procent en loopt in 2027 op naar gemiddeld 3,9 procent, wat leidt tot een koopkrachtdaling van 0,7 procent [2].
Thuiszorgmedewerker en leraar betalen de rekening
Twee derde van alle werkenden in Nederland is afhankelijk van de auto om op het werk te komen [1]. Van Zwieten van CNV legt het probleem concreet uit: “Als je in Amsterdam woont, kun je de tram pakken, maar wie in Drenthe woont, moet met de auto” [1]. Vooral werknemers die fysiek aanwezig moeten zijn — denk aan medewerkers in de thuiszorg, de kinderopvang en het onderwijs — voelen de hoge prijzen het hardst [1]. Zij kunnen niet even een dag thuiswerken om de tankbeurt over te slaan. Werkgeversvereniging AWVN reageert laconiek. Woordvoerder Jannes van der Velde stelt: “Het is geen gratis geld. Werkgevers betalen en willen dat in een totaalpakket arbeidsvoorwaarden bespreken” [1]. FNV-woordvoerder Guus Staats vermoedt dat werkgevers de cao-onderhandelingen afwachten [1]. Intussen loopt er ook een nieuwe fiscale tijdbom: vanaf 1 januari 2027 krijgen werkgevers een pseudo-eindheffing van 12 procent van de fiscale waarde voor niet-volledig-elektrische leaseauto’s [3]. Onderzoek van leasemaatschappij Ayvens laat zien dat slechts een kwart van de werkgevers daar al een concreet plan voor heeft [3]. De conclusie is simpel: de rekening van dure benzine ligt voorlopig bij de werknemer op de mat.