Burgemeester Den Haag negeert eigen bezwaarcommissie en komt dinsdag voor de rechter
Den Haag, woensdag, 4 maart 2026.
De Partij voor de Dieren sleept burgemeester Van Zanen voor de rechter omdat hij een kangoeroeleer-protest beperkte tot tien mensen in plaats van twintig. Het pikante detail: de gemeentelijke bezwaarcommissie gaf de partij al gelijk, maar Van Zanen negeerde dat advies. Terwijl commerciële evenementen met honderden bezoekers wél mogen in dezelfde winkelstraat. De rechtszaak dient aanstaande dinsdag 10 maart. Partijvertegenwoordiger Fonville: ‘De burgemeester is flink op zijn vingers getikt, maar durft zijn beleid niet te wijzigen.’ Het gaat om fundamenteel demonstratierecht versus gemeentelijk winkelstraatbeleid.
Van kangoeroes naar de rechter: een winkelstraat conflict
Het begon allemaal met voetbalschoenen en cowboyhoedjes van kangoeroeleer in september 2024 [1][2][3]. De Partij voor de Dieren wilde protesteren bij sportwinkels Decathlon en Intersport in de Grote Marktstraat in Den Haag [1]. Hun plan: twintig mensen laten demonstreren tegen het afschieten van kangoeroes in Australië [1]. Burgemeester Jan van Zanen zag dat anders. Hij beperkte het protest tot maximaal tien deelnemers, conform het gemeentelijke demonstratiebeleid voor kernwinkelgebieden [1][2][3]. Kandidaat-raadslid Esmée Fonville van de Partij voor de Dieren was woedend: ‘Demonstreren met twintig personen mag niet, maar een winkelevent met honderden personen mag van de gemeente wel’ [1]. De demonstratie ging uiteindelijk door in aangepaste vorm, maar het conflict was geboren [2][3].
Bezwaarcommissie geeft partij gelijk, burgemeester houdt voet bij stuk
Na de demonstratie maakte de Partij voor de Dieren bezwaar tegen Van Zanens besluit [1][2][3]. En raad eens? De gemeentelijke bezwaarschriftencommissie gaf de partij gelijk [1][2][3]. Volgens de commissie had de demonstratie niet mogen worden ingeperkt [2][3]. Maar Van Zanen legde dat advies naast zich neer [2][3]. Hij hield vast aan zijn standpunt dat in drukke winkelstraten ‘goed moet worden gekeken naar de doorstroming en de beheersbaarheid van de situatie’ [1]. Voor de burgemeester is demonstreren weliswaar een ‘groot goed’, maar moeten er soms grenzen worden gesteld [1]. Fonville ziet dat anders: ‘Het demonstratierecht is een fundamenteel recht’ [1]. Ze noemt Van Zanens houding ‘flink op zijn vingers getikt, maar durft niet zijn beleid te wijzigen’ [2][3].
Rechtszaak volgende week: wat betekent dit voor jou?
De zaak komt dinsdag 10 maart voor de rechtbank in Den Haag [1][2][3]. Centraal staat de vraag of een burgemeester een protest van twintig naar tien mensen mag terugbrengen [2][3]. Dit gaat verder dan alleen de Partij voor de Dieren. Als de rechter Van Zanen gelijk geeft, kan elke burgemeester demonstraties in winkelgebieden drastisch beperken. Stel je voor: jij wilt protesteren tegen klimaatbeleid of sociale woningbouw, maar de burgemeester zegt ‘maximaal tien mensen’ omdat het in een druk gebied is. De uitspraak bepaalt hoeveel ruimte er blijft voor protest in Nederlandse binnensteden [GPT]. Fonville roept Van Zanen op ‘echt te gaan staan voor het demonstratierecht’ [2][3]. Bij deze Australische politica Georgie Purcell en landelijke PvdD-leider Esther Ouwehand zouden ook aanwezig zijn geweest bij het oorspronkelijke protest [2][3]. De uitkomst van deze rechtszaak kan een precedent scheppen voor demonstratierecht versus gemeentelijk beleid in heel Nederland [GPT].