Het vuurwerkverbod van 2027 heeft nu al een probleem: de uitzonderingen deugen niet

Het vuurwerkverbod van 2027 heeft nu al een probleem: de uitzonderingen deugen niet

2026-06-01 politiek

Den Haag, maandag, 1 juni 2026.
Vanaf 31 december 2026 mag je als particulier geen vuurwerk meer afsteken. Maar de Raad van State waarschuwt: de uitzonderingen maken de wet tandeloos.

De uitzondering die alles onderuithaalt

De Wet veilige jaarwisseling treedt op 31 december 2026 in werking [1][2]. Particulieren mogen dan geen vuurwerk meer afsteken. Klinkt helder. Maar het kabinet bedacht een uitzondering: verenigingen en stichtingen mogen bij gemeenten een ontheffing aanvragen om tóch vuurwerk af te steken [2][3]. Tot zover begrijpelijk. Het probleem zit in de details. Die verenigingen hoeven namelijk geen enkele band te hebben met de gemeente waar ze die ontheffing aanvragen [3][4]. Een landelijke vuurwerkclub kan dus gewoon in tien verschillende gemeenten tegelijk een ontheffing aanvragen. En daarmee op grote schaal vuurwerk inkopen, tot maximaal 200 kilogram per ontheffingshouder [1]. De Raad van State stelde zijn advies vast op 27 mei 2026 en publiceerde het op 1 juni 2026 [1]. De conclusie is hard: dit ‘ondermijnt de bedoeling van de wet’ [1][2]. Het adviesorgaan eist daarom dat het kabinet alsnog een eis van lokale binding opneemt in het Besluit veilige jaarwisseling [2][4].

Burgemeesters én boa’s staan met lege handen

Er zijn nog twee stevige knelpunten. Ten eerste de veiligheidsafstanden. In het huidige kabinetsvoorstel mag elke burgemeester zelf bepalen hoe ver het publiek van de afsteekplek moet staan [2][3]. Handig voor lokaal maatwerk, zegt het kabinet. Gevaarlijk en inconsistent, zegt de Raad van State. Het adviesorgaan wil dat het kabinet die minimale afstanden landelijk vastlegt, zodat ook de burgemeester houvast heeft [1][4]. Ten tweede de handhaving. Boa’s krijgen de taak om toezicht te houden op de afsteekverenigingen [2][3]. Maar gemeenten wijzen er zelf op dat er tijdens de jaarwisseling nauwelijks boa’s op straat zijn — simpelweg omdat het te gevaarlijk is [3][4]. De Raad van State stelt daarom de meest fundamentele vraag van dit hele debat: als je de regels toch niet kunt handhaven, is het dan wel verantwoord om uitzonderingen te maken [2][4]? Staatssecretaris Annet Bertram van Infrastructuur en Waterstaat (NSC) [alert! ‘de politieke partij van Bertram wordt niet expliciet vermeld in de bronnen, NSC is afgeleid uit openbare kabinetssamenstelling’] is de bewindspersoon die dit dossier trekt. Zij verhoogde eerder al de leeftijdsgrens voor het afsteken van vuurwerk van 16 naar 18 jaar [2].

Wat betekent dit voor jou op oudjaarsavond?

De Raad van State is een adviesorgaan. Zijn oordeel is niet bindend, maar weegt zwaar [GPT]. De afdeling advisering laat er geen misverstand over bestaan: het advies luidt dat de regering het Besluit veilige jaarwisseling ‘niet moet nemen, tenzij het is aangepast’ [1]. Het kabinet is nu aan zet. Past het de regels aan, dan krijgt het verbod tanden. Doet het dat niet, dan dreigt op oudjaarsavond 2026 precies het scenario dat de wet wilde voorkomen: massa’s vuurwerk, onvoldoende toezicht en een wet die op papier bestaat maar op straat weinig voorstelt. Voor de gewone burger is de boodschap simpel: dit jaar voor het laatst zelf de rotjes in de aanslag, maar of die vuurwerkshow van de buurtvereniging volgend jaar wél veilig verloopt, hangt af van wat het kabinet de komende maanden besluit [1][2][3][4].

Bronnen


Raad van State vuurwerkverbod