CDA-senator Greet Prins stemde drie dagen voor haar overlijden nog over asielwetten vanuit een rolstoel
Den Haag, zaterdag, 25 april 2026.
Greet Prins overleed vrijdagnacht aan ALS, slechts drie dagen nadat ze in een rolstoel naar de Eerste Kamer kwam om te stemmen over controversiële asielwetten. De 72-jarige CDA-senator toonde tot het laatste moment haar toewijding aan de politiek, ondanks haar ongeneeslijke ziekte. Haar aanwezigheid bij die cruciale stemming, waarbij het CDA uiteindelijk tegen de wetten stemde, illustreert haar vastberadenheid. ‘Ik kan ook proberen om van de dag toch weer iets te maken’, zei ze eerder over haar omgang met ALS.
Een politieke carrière vol toewijding
Prins was sinds juni 2019 senator voor het CDA en bekleedde de functie van vicevoorzitter van de CDA-fractie [1]. Als voorzitter van de commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport [2] was ze een bekend gezicht in het Nederlandse politieke landschap. Haar collega’s herinnerden haar als een ‘scherpzinnig’ debater met een groot hart voor de publieke zaak [1]. Voor haar politieke carrière was Prins voorzitter van de Raad van Bestuur van Stichting Philadelphia Zorg in Amersfoort, waar ze zich inzette voor mensen met een verstandelijke beperking [1]. Ze werkte ook als directeur vernieuwing bij uitkeringsinstantie UWV en was vier jaar voorzitter van het bestuur van de Kamers van Koophandel [4].
Dramatische asielstemmingen op dinsdag 22 april
De stemmingen waar Prins aan deelnam, vormden een politiek drama voor de coalitie [2]. De reparatiewet, de zogenaamde ‘novelle’ voor de strafbaarstelling van illegaliteit, sneuvelde door tegenstemmen van PVV en D66 [2]. Daardoor werd ook de noodmaatregelenwet niet aangenomen, die bijvoorbeeld het schrappen van dwangsommen regelt voor asielzoekers wier beroep te lang blijft liggen [2]. Het CDA, inclusief Prins, stemde uiteindelijk tegen omdat de partij de wet zonder de novelle te ver vond gaan [2]. Bij de stemming over de Asielnoodmaatregelenwet stemde Prins tegen, samen met 41 andere senatoren [5]. Deze nederlaag betekende een flinke klap voor het asielbeleid van de coalitie.
Een laatste daad van politieke moed
Prins overleed in de nacht van vrijdag op zaterdag in haar huis in Nieuwkoop [2][3]. Ze leed al langere tijd aan ALS, een ongeneeslijke zenuwziekte [2]. Haar filosofie over het leven met deze ziekte was simpel maar krachtig: ‘Ik kan alle dagen die ik nog heb gaan zitten chagrijnen. Maar ik kan ook proberen, en daar geloof ik in, om van de dag toch weer iets te maken’ [3]. Partijleider Henri Bontenbal noemde haar ‘een krachtige vrouw met een groot hart voor de ander’ [2]. Voor Prins gold: ‘Politiek gaat er in essentie om dat je er bent voor de ander’ [3]. Ze laat een man, een dochter, een zoon en kleinkinderen achter [3].