Ongehoord Nederland moet zich verantwoorden voor 'geen X'-vacature bij mensenrechtencollege
Hilversum, zaterdag, 14 maart 2026.
Omroep ON! krijgt op 22 april een officiële zitting na hun controversiële vacature waarin ze expliciet ‘geen X’ zochten. Het OM seponeerde de zaak eerder, maar het College voor de Rechten van de Mens pakt het nu op na klachten van Transgendernetwerk Nederland. ON! verdedigt zich stellig: non-binaire mensen bestaan volgens hen simpelweg niet, dus discriminatie is onmogelijk. Het college geeft in 80% van de gevallen concrete maatregelen op, zoals excuses of beleidsaanpassingen. Hun oordeel is weliswaar niet bindend, maar geldt wel als zwaarwegend advies voor rechters.
Van strafzaak naar mensenrechtenkwestie
De controverse begon in het voorjaar van 2024 toen ON! een hoofdredacteur zocht en expliciet vermeldde: ‘geen X’, waarmee non-binaire sollicitanten werden uitgesloten [3]. Transgendernetwerk Nederland deed aangifte, maar het Openbaar Ministerie besloot in juli de omroep niet te vervolgen [2]. Het OM oordeelde dat de vacaturetekst weliswaar kwetsend was, maar niet strafbaar omdat ON! als omroepvereniging niet onder de wet valt die discriminatie in de uitoefening van een ambt, beroep of bedrijf strafbaar stelt [3]. Nu pakt het College voor de Rechten van de Mens de zaak op via een andere juridische route [1][2].
ON! houdt voet bij stuk met ideologische verdediging
ON!-directeur Peter Vlemmix toont zich strijdvaardig: ‘We zijn nu negen maanden verder, ik mag weer namens Ongehoord Nederland komen opdraven voor de volgende zitting, en nu weer bij een andere club’ [3]. De omroep verdedigt zich met een principiële stellingname. Hakan Külcü, destijds advocaat van ON!, verklaarde: ‘De woke-ideologie domineert en stelt dat er oneindig veel genders zijn. Dat bestrijden wij: iets dat niet bestaat kun je niet discrimineren of uitsluiten’ [3]. Vlemmix voegt daaraan toe: ‘Zo gaat stapje voor stapje de woke-ideologie onze samenleving verder in’ [3].
College heeft beperkte maar invloedrijke macht
Het College voor de Rechten van de Mens kan geen boetes uitdelen, en hun oordelen zijn juridisch niet bindend [3]. Toch hebben ze wel degelijk invloed: in meer dan 80% van de gevallen leidt een oordeel tot concrete maatregelen, zoals excuses of aanpassing van beleid [3]. Bovendien gelden de adviezen als zwaarwegend voor rechters wanneer klagers naar de civiele rechter stappen [3]. Voor werkgevers en organisaties die zich afvragen hoe ver ze mogen gaan in hun wervingscriteria, wordt deze zaak een belangrijke graadmeter. De zitting op 22 april in Utrecht zal duidelijkheid scheppen over de grenzen van discriminatie in de Nederlandse arbeidsmarkt [2][4].