Gerechtshof dwingt vervolging visboer die vrouw met nikab wegstuurde

Gerechtshof dwingt vervolging visboer die vrouw met nikab wegstuurde

2026-03-26 binnenland

Hoek van Holland, vrijdag, 27 maart 2026.
Een visboer uit Hoek van Holland moet voor de rechter verschijnen nadat hij een vrouw met gezichtssluier weigerde te bedienen. Het incident gebeurde in september 2022 toen de vrouw kibbeling wilde kopen. De visboer zei haar gezicht niet te kunnen zien en bepaalde zelf aan wie hij verkoopt. Het Openbaar Ministerie wilde aanvankelijk niet vervolgen, maar het gerechtshof oordeelde dat er wel degelijk aanwijzingen zijn voor discriminatie. De zaak wordt belangrijk geacht omdat onduidelijk is wanneer winkeliers klanten mogen weigeren vanwege gezichtsbedekkende kleding.

Hof doorprikt OM-weigering na vier jaar juridisch getouwtrek

Het gerechtshof in Den Haag heeft deze maand een opmerkelijke draai gegeven aan de zaak die we eerder belichtten [1]. Het hof oordeelde dat er wél voldoende aanwijzingen zijn om de visboer te vervolgen [2][3]. De rechters baseren hun besluit op de aangifte, de camerabeelden die de vrouw maakte, en verklaringen in het dossier [3]. Het OM wilde aanvankelijk niet vervolgen omdat zij vonden dat er onvoldoende bewijs was dat de weigering religieus gemotiveerd was [2][3]. De officier van justitie noemde destijds het ‘ontbreken van het gezicht’ als reden [3]. Maar de vrouw gaf niet op en stapte naar het hof - een juridische route die nu succesvol blijkt.

Maatschappelijke impact speelt cruciale rol in hofbesluit

Het hof benadrukt dat deze zaak veel verder reikt dan één incident in Hoek van Holland [3][4]. ‘Het is onduidelijk onder welke omstandigheden winkeliers klanten mogen weigeren vanwege gezichtsbedekkende kleding’, stelt het hof [3]. Een rechtszaak kan die grens verduidelijken [3][4]. Dit raakt iedere winkelier die zich afvraagt: mag ik een klant wegsturen als ik het gezicht niet kan zien? En het raakt elke burger die zich afvraagt wat discriminatie precies inhoudt [GPT]. De rechters vinden discriminatie op grond van geloof zo serieus dat het strafrechtelijke gevolgen kan hebben [3].

Visboer houdt lippen stijf op elkaar tot rechtszitting

De visboer zwijgt voorlopig als het graf [2]. ‘Binnenkort krijg ik een oproep en voor die tijd geven we nergens antwoord op’, zegt hij [2]. Hij belooft pas zijn verhaal te doen wanneer hij voor de rechter staat [2]. ‘Dan mag je me alles vragen. Dan zal alles duidelijk worden, zo simpel is het’, aldus de man [2]. Ondertussen blijft zijn uitspraak van destijds in de lucht hangen: ‘Ik vertrouw dat niet. Ik bepaal aan wie ik verkoop’ [2][4]. De timing van de rechtszaak is nog niet bekendgemaakt [alert! ‘geen concrete datum genoemd in bronnen’], maar de zaak zal waarschijnlijk voor de zomer van 2026 dienen [alert! ‘inschatting op basis van gebruikelijke doorlooptijden’].

Bronnen


discriminatie nikab