De Telegraaf publiceerde vier jaar lang brieven van iemand die helemaal niet bestaat

De Telegraaf publiceerde vier jaar lang brieven van iemand die helemaal niet bestaat

2026-05-11 politiek

Nederland, maandag, 11 mei 2026.
K. Laheye schreef sinds 2020 tientallen brieven naar De Telegraaf en veroorzaakte vorige week ophef met een brief die begrip toonde voor de aanslag op het D66-kantoor. Nu blijkt deze persoon helemaal niet te bestaan. Hoofdredacteur Kamran Ullah bevestigt dat het om een pseudoniem gaat, maar weigert bewijs te tonen. De krant controleert niet standaard of briefschrijvers echt bestaan. Columnist Sander Schimmelpenninck suggereerde dat de redactie zelf brieven fabriceert, wat Ullah ‘zeer kwaadaardig’ noemt. De brief stelde dat de aanslag ‘niet verwonderlijk’ was en bevatte de tekst ‘wie niet horen wilt, moet maar voelen’. Dit roept vragen op over verificatieprocedures bij Nederlandse kranten en de verantwoordelijkheid bij het publiceren van controversiële meningen onder valse identiteiten.

Pseudoniem ontmaskerd na jaren van brieven

De onthulling komt voort uit een eerder gepubliceerd artikel over de bomaanslag waarbij een 37-jarige dakloze man wordt verdacht van terrorisme na een explosie bij het D66-kantoor in Den Haag (https://dgki.nl/d4d933a-bomaanslag-terrorisme/). Columnist Sander Schimmelpenninck trok het bestaan van ‘K. Laheye’ in twijfel en suggereerde dat de redactie van De Telegraaf de brief zelf geschreven zou hebben [1]. Hoofdredacteur Kamran Ullah bevestigt nu dat K. Laheye inderdaad een pseudoniem is en dat de redactie contact heeft via een e-mailadres met een andere naam [1]. De brief die vorige week voor ophef zorgde stelde dat de aanslag ‘niet verwonderlijk’ was en bevatte de tekst ‘wie niet horen wilt, moet maar voelen’ [1]. Ullah weigert bewijs te overleggen over de echte identiteit van de briefschrijver en beroept zich op afspraken om gegevens van brievenschrijvers niet te verspreiden [1].

Krant heeft geen capaciteit voor verificatie

De opinieredactie van De Telegraaf controleert niet standaard of alle briefschrijvers echt bestaan, aldus hoofdredacteur Ullah [1]. ‘De opinieredactie van De Telegraaf heeft niet genoeg capaciteit om van alle briefschrijvers te controleren of ze echt bestaan’, verklaart hij [1]. Als briefschrijvers onder pseudoniem insturen, wordt dat niet vermeld bij publicatie [1]. Ullah noemt Schimmelpenninck’s beschuldiging dat de redactie zelf lezersbrieven zou fabriceren ‘zeer kwaadaardig’ [1]. De hoofdredacteur verdedigt de krant door te stellen: ‘Dit is iemand die al jaren brieven naar De Telegraaf schrijft’ en voegt toe dat hij de naam uit het e-mailadres heeft gegoogeld en een bestaande man heeft gevonden [1].

Controverse over verantwoordelijkheid media

De kop boven de bewuste brief luidde ‘Aanslag D66-hoofdkantoor niet goed te praten, maar niet verwonderlijk’ [1]. Ullah geeft toe dat deze kop ‘achteraf ongelukkig gekozen’ was en ‘op de grens’ ligt [1]. Hij verwerpt echter de beschuldiging dat de krant door het plaatsen van deze brief oproept tot geweld [1]. ‘Het getuigt van kwaadaardigheid als je suggereert dat dit de hoofdredactionele lijn zou zijn’, aldus Ullah, die benadrukt dat De Telegraaf in artikelen en een podcast ‘ferm afstand heeft genomen van dergelijk geweld’ [1]. Deze situatie roept bredere vragen op over hoe Nederlandse kranten omgaan met ingezonden brieven en welke verantwoordelijkheid zij dragen bij het publiceren van controversiële meningen onder valse identiteiten [GPT].

Bronnen


ingezonden brief pseudoniem