Hongaarse premier Magyar zet staatstelevisie op zwart: 'Het leek hier net Noord-Korea'

Hongaarse premier Magyar zet staatstelevisie op zwart: 'Het leek hier net Noord-Korea'

2026-04-15 buitenland

Boedapest, woensdag, 15 april 2026.
Péter Magyar maakte zijn eerste daad als Hongaars premier direct duidelijk: de staatstelevisie gaat tijdelijk op zwart. Na zestien jaar Orbán vergelijkt hij het Hongaarse media-apparaat met Noord-Korea’s propaganda. Deze drastische stap markeert het begin van een complete hervorming van het medialandschap dat onder Orbán volledig in handen kwam van loyalisten.

Van propaganda naar persvrijheid

Magyar’s belofte om het medialandschap te hervormen komt na zijn verrassende verkiezingsoverwinning op 12 april 2026, waarbij hij Viktor Orbán versloeg na zestien jaar autoritair bestuur [1]. Tijdens een persconferentie met buitenlandse correspondenten op 15 april vergeleek Magyar het Hongaarse propaganda-apparaat met dat van Noord-Korea [2]. “Elke Hongaar verdient een publieke mediadienst die de waarheid uitzendt,” verklaarde de nieuwe premier [2]. Het timing van zijn uitspraak was niet toevallig: op zaterdag 12 april 2026 was het complete journaal op de publieke tv-zender M1 gevuld met anti-Magyar-items [2]. Tijdens de campagne kreeg Magyar nauwelijks aandacht op de nationale televisie en radio, terwijl bijeenkomsten van Orbán live werden uitgezonden [2]. Oppositie politici werden vrijwel nooit uitgenodigd bij Kossuth Radio [2].

Zestien jaar mediamacht weggevaagd

Orbán’s media-imperium was indrukwekkend en verstikkend tegelijk. Via de Kesma Foundation beheerde Fidesz zo’n 500 mediakanalen en slokte 85% van de staatsadvertentie-inkomsten op [2]. Dit had dramatische gevolgen voor de persvrijheid: Hongarije zakte op de Press Freedom Index van Reporters Without Borders van de 40ste naar de 85ste plaats in tien jaar tijd [2]. Orbán wordt door RSF beschouwd als een ‘roofdier van de persvrijheid’ [2]. Media en staatsinstellingen werden geprivatiseerd en in handen gelegd van loyalisten, terwijl kritische journalisten te maken kregen met intimidatie en lastercampagnes [2]. Voor Nederlandse kijkers is dit moeilijk voor te stellen: alsof de NPO alleen maar verheerlijkende verhalen over de premier zou uitzenden.

Europese opluchting en realistische verwachtingen

Europese leiders reageerden opgelucht op Magyar’s overwinning. Ursula von der Leyen feliciteerde het Hongaarse volk en refereerde aan hun moed in 1956 en 1989 [3]. Valérie Hayer, voorzitter van Renew Europe, noemde het “een immense opluchting voor de EU en Oekraïne” [4]. Magyar belooft een nieuwe mediawet, een mediawaakhond en wettelijk verankerde persvrijheid [2]. Maar hij erkent dat mediahervorming tijd kost [2]. Voor Nederland betekent dit mogelijk een einde aan de Hongaarse blokkades van EU-besluiten, zoals de 90 miljard euro hulp aan Oekraïne [5]. Magyar zei op 14 april dat hij deze steun niet meer zal blokkeren, hoewel Hongarije niet zal deelnemen aan de contractering [3][5].

Bronnen


Hongarije premier staatsjournaal propaganda