Bob werd als baby achtergelaten in een boodschappentas en vertelt nu zijn verhaal
Dordrecht, maandag, 9 februari 2026.
In februari 2006 vond een huisarts in Dordrecht een baby in een boodschappentas op zijn stoep. De jongen kreeg de naam Bob, naar schaatser Bob de Jong die toen olympisch goud won. Nu, twintig jaar later, vertelt Bob openhartig over zijn leven als vondelingkind. Hij groeide op bij twee vaders in een pleeggezin met vier andere kinderen. Ondanks een stabiel thuis kampt hij sinds zijn veertiende met verlatingsangst en depressie. Bob heeft contact met zijn biologische familie maar brak het contact met zijn moeder toen zij probeerde hem terug te krijgen. ‘Ik voel me niet gedumpt, maar makkelijk is het niet’, zegt hij. Bob wil later als psychiater andere vondelingen helpen.
Van boodschappentas naar stabiel gezin
Bob groeide op in een ongewoon maar liefdevol gezin in Dordrecht [1]. Hij had twee vaders en vier andere pleegkinderen om zich heen [1]. ‘Het zijn niet mijn pleegouders, het zijn gewoon mijn ouders’, zegt Bob nu over zijn adoptieouders [1]. Zijn biologische ouders werden destijds wel gevonden, maar Bob keerde niet naar hen terug [1]. In plaats daarvan kwam hij vier maanden na zijn geboorte terecht bij het gezin dat hem opvoedde [1]. De naam Bob kwam niet zomaar uit de lucht vallen - schaatser Bob de Jong won op 24 februari 2006 olympisch goud, precies in de periode dat de baby werd gevonden [1]. Bob keek later op YouTube de gouden race terug: ‘Dat vond ik wel leuk. Ik wilde toch weten: wie is die Bob nou?’ [1]
Verlatingsangst en complexe familierelaties
Ondanks zijn stabiele thuis begonnen de problemen toen Bob veertien werd [1]. Hij kampt sindsdien met verlatingsangst en depressie [1]. ‘Ik had twee vaders, dus ik wist dat ik ook ergens een moeder moest hebben’, verklaart Bob zijn zoektocht naar zijn oorsprong [1]. Hij heeft contact met zijn biologische broers en zussen en heeft zelfs vakantie met hen gevierd [1]. Maar het contact met zijn biologische moeder liep anders. Sinds Bob achttien is, probeert zij hem terug te krijgen [1]. Bob verbrak uiteindelijk het contact omdat zijn moeder niet accepteerde dat zijn adoptieouders zijn echte ouders zijn [1]. Deze emotionele strijd illustreert hoe complex de gevoelens van vondelingen kunnen zijn, zelfs bij een succesvolle adoptie.
Toekomstplannen: anderen helpen
Bob kijkt nu vooruit en wil zijn ervaringen gebruiken om anderen te helpen [1]. Hij heeft plannen om psycholoog of psychiater te worden, specifiek om andere vondelingen bij te staan [1]. ‘Ik voel me niet gedumpt, maar makkelijk is het niet’, vat hij zijn levensverhaal samen [1]. Op 8 februari 2026 vertelde Bob openhartig zijn verhaal, bijna precies twintig jaar na die koude februaridag in 2006 [1]. Zijn verhaal werpt licht op de langetermijngevolgen voor kinderen die als baby werden achtergelaten. Voor Bob blijft de herinnering aan zijn vondst niet traumatisch, maar vormend - een verhaal dat hij wil gebruiken om anderen in vergelijkbare situaties te steunen.