Huurprijzen vrije sector stijgen sneller dan huizenprijzen en 42 procent van woningen kost nu meer dan 2000 euro per maand

Huurprijzen vrije sector stijgen sneller dan huizenprijzen en 42 procent van woningen kost nu meer dan 2000 euro per maand

2026-04-10 economie

Nederland, vrijdag, 10 april 2026.
Huren is duurder geworden dan kopen. Huurprijzen stegen met 7,3 procent tegenover 5,1 procent voor koopwoningen in een jaar tijd. Bijna de helft van alle huurwoningen kost nu meer dan 2000 euro per maand. Het aanbod kromp flink omdat verhuurders massaal verkopen door strengere regels. Gemiddeld reageren nog maar 25 mensen op een huurwoning, de helft van vorig jaar.

Wet betaalbare huur zorgt voor tegenovergesteld effect

De paradox is pijnlijk duidelijk. De Wet betaalbare huur moest huren betaalbaar maken, maar doet precies het omgekeerde [1][2]. Verhuurders vluchten massaal weg uit de middenhuur omdat ze daar niet meer de hoofdprijs kunnen vragen [1][2]. Het resultaat? Een verschrompeld aanbod en torenhoge prijzen in de vrije sector. In het eerste kwartaal van 2026 verdwenen er netto 1.869 huurwoningen van de markt [3]. Dat is een flinke klap voor huurders die al 42 procent van hun inkomen uitgeven aan wonen [1]. Pararius-directeur Jasper de Groot waarschuwt dat zelfs grote institutionele beleggers zoals Vesteda duizenden woningen verkopen omdat investeerders voor ruim 4 miljard euro hun belang afbouwen [1][2]. “Als ook de institutionelen beginnen uit te ponden, rijst de vraag wie er dan nog in het middensegment bouwt en verhuurt”, aldus De Groot [1][2].

Dramatische cijfers tonen crisis op huurmarkt

De cijfers liegen er niet om. Nieuwe huurders betalen gemiddeld €21,12 per vierkante meter, wat neerkomt op €1.892 per maand [3][4]. Dat betekent een bruto maandinkomen van €5.676 is nodig om überhaupt in aanmerking te komen [3]. Gemeubileerde woningen zijn nog duurder met €26,79 per vierkante meter [3]. Amsterdam spant de kroon met €28,53 per vierkante meter [3]. De interesse daalt navenant: slechts 25 mensen reageren nu gemiddeld op een huurwoning, tegenover 46 een jaar eerder [1][2][3]. Dat is een daling van -45.652 procent. In 2025 verkochten investeerders ruim 65.000 huurwoningen en kochten er maar 27.000 aan, wat resulteerde in een netto verlies van circa 38.000 huurwoningen [3].

Politiek wil wet aanpassen ondanks protesten

De politiek begint te bewegen. Een Kamermeerderheid wil de Wet betaalbare huur aanpassen nog voordat de officiële evaluatie klaar is [1][2]. De Woonbond verzet zich fel tegen deze plannen en wil dat de huurprijsbescherming niet “te grabbel wordt gegooid” [1][2]. “Het is onbehoorlijk om huurders weer met torenhoge huren op te zadelen omdat de overheid de belastingdruk opvoert”, verklaart de belangenvereniging [1][2]. Voor huurders die nu al worstelen met torenhoge kosten biedt dit weinig perspectief. De vrije sector prijst zichzelf uit de markt en de sociale sector krijgt per 1 juli 2026 opnieuw een huurverhoging van maximaal 4,1 procent [5][6]. Voor veel Nederlanders wordt huren steeds meer een luxe die ze zich nauwelijks kunnen veroorloven.

Bronnen


woningmarkt huurprijzen