Gloeiende glasvezelresten veroorzaakten natuurbrand tijdens militaire springoefening in 't Harde
‘t Harde, donderdag, 7 mei 2026.
Hete deeltjes van oude mijnen vlogen uit de springkuil en zetten het bos in brand tijdens een goedgekeurde militaire oefening op 29 april.
Technische samenloop van omstandigheden leidde tot vuurzee
Het onderzoek van de Koninklijke Marechaussee toont aan dat de brand op 29 april ontstond door een ongelukkige samenloop van omstandigheden [1][2][3]. Tijdens de geplande springoefening vlogen gloeiende glasvezelresten van oudere mijnen en resten van brandfakkels uit de springkuil [1][2][3]. Dronebeelden van de oefening bevestigen dit scenario: direct na de ontploffing ontstonden brandhaarden op verschillende plekken rondom de springput [1][2][3]. Het vuur breidde zich door specifieke omstandigheden zeer snel uit tot een grote vuurzee [1][2][3]. De militaire eenheid had de oefening correct aangevraagd en het springplan was vooraf goedgekeurd door de relevante autoriteiten van het Artillerie Schietkamp [1][2][3].
Geen strafbare feiten, wel protocollen onder de loep
Na grondig onderzoek vond de Koninklijke Marechaussee geen aanwijzingen voor strafbare feiten [1][2][3]. Het Openbaar Ministerie Oost-Nederland heeft het feitenonderzoek daarom afgesloten [1][2]. De resultaten gaan nu naar Defensie voor mogelijke aanpassingen van protocollen en voorschriften [1][2][3]. Dit incident toont de risico’s van militaire oefeningen in natuurgebieden. Voor omwonenden betekent dit dat dergelijke branden kunnen ontstaan ondanks correcte procedures. De vraag is nu of Defensie strengere veiligheidsmaatregelen invoert.
Reeks branden houdt onderzoeksteams bezig
De brand in ‘t Harde vormt onderdeel van een reeks natuurbranden op militaire oefenterreinen [1][2][3]. De marechaussee onderzoekt nog drie andere branden: één op de Ederheide van 21 april en twee op 30 april op de Oirschotse Heide en Weerterheide [1][2][3]. Deze opeenstapeling van incidenten roept vragen op over de veiligheid van militaire oefeningen tijdens droge perioden. Voor Nederlandse natuurgebieden betekent dit mogelijk strengere regels voor springoefeningen. Defensie overwoog vorig jaar al aanpassingen na een brand bij Ede, maar besloot toen dat protocols niet hoefden te worden aangepast [3].