Startende huizenkopers lenen nu meer dan doorstromers in ruim een derde van alle gemeenten
Nederland, dinsdag, 10 maart 2026.
In 122 van de 342 Nederlandse gemeenten sluiten starters een hogere hypotheek af dan doorstromers. Dat is opvallend: starters krijgen voor meer geld vaak minder huis dan mensen die doorstromen. Het verschil ontstaat doordat doorstromers overwaarde inzetten. In kleine gemeentes gebeurt dit zelfs in meer dan de helft van de gevallen.
Kleinere gemeenten tonen extremere verschillen
In gemeenten met minder dan 20.000 inwoners moet 52% van de starters meer lenen dan doorstromers [1]. Dat is meer dan de helft - een flinke klap voor wie net begint op de woningmarkt. De gemiddelde starter leent 361.000 euro, terwijl doorstromers 382.000 euro lenen [1]. Het verschil van 21.000 euro lijkt klein, maar starters krijgen voor hun hogere bedrag vaak een kleiner huis. Martin Hagedoorn van De Hypotheekshop legt uit waarom: “Starters sluiten dus niet alleen een hogere hypotheek af dan doorstromers, maar ook nog eens voor ‘minder huis’” [1]. Doorstromers kunnen overwaarde van hun oude huis inzetten, starters moeten alles zelf financieren.
Regionale verschillen bepalen wie het meest leent
In provincies Noord-Holland en Utrecht ligt de gemiddelde startershypotheek boven de 400.000 euro [1]. Daar betaal je als starter dus flink meer dan het landelijke gemiddelde. In Flevoland lenen starters gemiddeld meer dan doorstromers [1]. Gemeenten als Almere, Haarlemmermeer en het Westland laten hetzelfde patroon zien [1]. Maar niet overal: in Haarlem, Amstelveen, Gooise Meren, Hilversum en Houten daalde de gemiddelde hypotheek juist [1]. Deze verschillen maken dat je als starter beter kunt uitkijken waar je gaat zoeken.
Hypotheekgroei remt af door meer aanbod
Goed nieuws: de groei van startershypotheken remt af. In 2025 stegen ze met 4%, in 2024 was dat nog 9% [1]. Meer voormalige huurwoningen in het lagere prijssegment komen op de markt, wat de prijsontwikkeling afremt [1]. De Hypotheekshop meldt dat doorstroming onder druk staat door het grote woningtekort en moeizame nieuwbouw [1]. Woningsplitsing, optoppen van gebouwen en flexwoningen kunnen extra aanbod creëren [1]. Voor starters betekent dit wellicht wat ademruimte, al blijft de markt krap.