Kabinet-Jetten schuift 257 miljoen euro van ontwikkelingshulp naar Nederlandse asielopvang
Den Haag, zaterdag, 21 februari 2026.
Het kabinet breekt een kernbelofte uit het coalitieakkoord door 257 miljoen euro aan beloofde ontwikkelingshulp te gebruiken voor asielopvang in Nederland. Nederland zakt hierdoor van 0,66 naar 0,44 procent uitgaven aan ontwikkelingssamenwerking en valt voor het eerst uit de top-10 van landen die ontwikkelingslanden het beste helpen.
Coalitiebelofte geschonden voor asielkosten
Het kabinet-Jetten van D66, VVD en CDA gebruikt de komende tien jaar 257 miljoen euro die bedoeld was voor ontwikkelingssamenwerking om asielzoekers in Nederland op te vangen [1]. Dit geld zou eigenlijk gaan naar ‘humanitaire hulp, klimaat, onderwijs, vrouwenrechten en het verstevigen van het maatschappelijk middenveld’, zoals de drie partijen in hun coalitieakkoord beloofden [1]. De asielkosten vallen hoger uit dan verwacht, en het kabinet mag volgens internationale afspraken maximaal 10 procent van het ontwikkelingsbudget gebruiken voor eerstejaars asielopvang [1]. Bovenop deze verschuiving wordt in 2027 nog eens 419 miljoen euro weggenomen bij ontwikkelingssamenwerking om niet-militaire steun aan Oekraïne te betalen [1].
Nederland zakt op internationale ranglijst
De bezuinigingen hebben concrete gevolgen voor Nederland’s internationale positie. PVV-minister Reinette Klever van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp kondigde bij haar aantreden een structurele bezuiniging aan van 2,4 miljard euro per jaar [1]. Hierdoor daalt het percentage dat Nederland uitgeeft aan ontwikkelingssamenwerking van 0,66 procent in 2023 naar 0,44 procent in 2030 [1]. De beloofde extra 257 miljoen zou het budget naar slechts 0,46 procent brengen - een klein stapje richting de internationale OESO-norm van 0,7 procent [1]. Nederland viel in 2025 voor het eerst uit de top-10 van de Commitment to Development Index, een ranglijst die meet welke landen het beste beleid voeren voor ontwikkelingslanden [1]. Het land stond jarenlang op de eerste plaats van deze lijst [1].
Gevolgen voor Nederlandse burgers
De budgetschuif naar asielopvang past in een breder patroon van bezuinigingen die vooral lagere inkomens raken. Het Centraal Planbureau becijferde op 19 februari dat lagere inkomens tot 32.000 euro geen koopkrachtstijging ervaren door de kabinetsplannen [3]. Het eigen risico in de zorg stijgt van 385 euro in 2026 naar 460 euro in 2027 en verder naar 520 euro in 2030 [3]. Door het nieuwe beleid stijgt het aantal mensen in armoede van 2,5 procent naar 2,7 procent in 2030, terwijl in 2024 nog 3,1 procent van de Nederlanders arm was [4]. Oppositiepartijen zoals de ChristenUnie zijn kritisch. Miriam Bikker waarschuwde: ‘Dit mag niet het kabinet worden voor de gegoede burgerij’ [3]. Rob Jetten wordt op 23 februari 2026 beëdigd als minister-president en zal het beleid voor het eerst verdedigen in de Tweede Kamer in de week van 23 februari [3][5].