Europa's overheidsuitgaven stijgen sneller dan inkomsten in derde kwartaal 2025
Brussel, donderdag, 22 januari 2026.
Het overheidstekort steeg naar 3,2 procent van het bbp. Dit gebeurde omdat uitgaven met 32 miljard euro stegen terwijl inkomsten slechts 13 miljard euro toenamen. Nederland houdt het tekort beperkt tot 1,6 procent. Frankrijk en België worstelen met veel hogere tekorten. Deze stijging zet druk op Europese begrotingsregels.
Uitgaven stijgen veel sneller dan inkomsten
De cijfers van Eurostat laten zien waarom het tekort zo hard steeg [1]. In de eurozone klommen de overheidsuitgaven naar 49,9 procent van het bbp in het derde kwartaal, tegen 49,5 procent een kwartaal eerder [1]. De inkomsten daalden juist licht van 46,8 naar 46,7 procent van het bbp [1]. In absolute bedragen betekent dit dat uitgaven met ongeveer 32 miljard euro stegen, terwijl inkomsten slechts 13 miljard euro meer opbrachten [1]. Voor gewone burgers vertaalt dit zich in meer overheidssteun en investeringen, maar ook in toekomstige belastingdruk of bezuinigingen. De EU als geheel toont hetzelfde patroon: uitgaven stegen van 49,2 naar 49,5 procent van het bbp, terwijl inkomsten op 46,3 procent bleven steken [1].
Nederlandse discipline tegenover Franse en Belgische zorgen
Nederland houdt de boot nog aardig af met een tekort van slechts 1,6 procent van het bbp in het derde kwartaal [1]. Dit is wel een verslechtering ten opzichte van de 1,3 procent in het vorige kwartaal [1]. Frankrijk daarentegen worstelt met een aanhoudend tekort van 5,4 procent [1]. België heeft het nog zwaarder met een tekort dat opliep tot 5,7 procent, tegen 5,0 procent een kwartaal eerder [1]. Voor Franse en Belgische burgers betekent dit waarschijnlijk strengere bezuinigingen of hogere belastingen. De verschillen tonen aan hoe sommige landen hun uitgaven beter onder controle hebben dan andere.
Druk op Europese begrotingsregels neemt toe
Het overstijgen van de 3 procent-grens zet de eurozone opnieuw onder druk [1]. De Europese begrotingsregels stellen dat landen hun tekort onder de 3 procent van het bbp moeten houden [GPT]. Met de eurozone nu op 3,2 procent staat deze regel onder spanning [1]. Voor consumenten kan dit betekenen dat de Europese Centrale Bank voorzichtiger wordt met rentebesluiten. Ook kunnen landen worden gedwongen tot bezuinigingen die sociale voorzieningen raken. De overheidsschuld in de eurozone steeg ondertussen naar 88,5 procent van het bbp eind derde kwartaal, tegen 88,2 procent een kwartaal eerder [3]. Deze combinatie van stijgend tekort en groeiende schuld beperkt de financiële ruimte voor toekomstige crises.