Gerechtshof draait eerdere uitspraak om: Uber-chauffeurs zijn geen werknemers maar zelfstandigen

Gerechtshof draait eerdere uitspraak om: Uber-chauffeurs zijn geen werknemers maar zelfstandigen

2026-01-27 binnenland

Nederland, dinsdag, 27 januari 2026.
Het Amsterdamse gerechtshof heeft vandaag een bombshell gedropt in de jarenlange rechtszaak tussen FNV en Uber. De rechters draaiden hun eerdere uitspraak uit 2021 volledig om en oordeelden dat Uber-chauffeurs als zelfstandige ondernemers kunnen worden behandeld, niet als werknemers. De uitspraak is een zware klap voor vakbond FNV die al jaren strijdt voor betere arbeidsrechten van de ongeveer 4000 Nederlandse Uber-chauffeurs. Het hof stelde dat elke chauffeur individueel beoordeeld moet worden, waarbij factoren zoals investeringen in hun auto en vrijheid in werktijden doorslaggevend zijn. FNV overweegt nu cassatie bij de Hoge Raad.

Individuele omstandigheden bepalen werknemersstatus

Het hof oordeelde dat de zes chauffeurs die samen met Uber in beroep gingen zelfstandig ondernemers zijn [1][2][3]. Doorslaggevend waren hun investeringen in hun auto, de vrijheid om zelf werktijden te kiezen, en hun mogelijkheid om ritten te accepteren of te weigeren [1][3]. Ook het risico op aansprakelijkheid en arbeidsongeschiktheid speelde mee [3]. Het hof kon niet vaststellen dat alle chauffeurs, of hele groepen chauffeurs, automatisch werknemers zijn [1][2]. “Je mag niet alle chauffeurs over een kam scheren, zoals FNV probeerde”, zei Maurits Schönfeld, directeur Noord-Europa van Uber [4][5]. Deze uitspraak draait de eerdere rechtbankuitspraak uit 2021 volledig om, toen FNV nog gelijk kreeg [1][2].

FNV teleurgesteld maar geeft niet op

Vakbond FNV is zwaar teleurgesteld over de uitspraak en overweegt cassatie bij de Hoge Raad [1][6]. “Dit is geen nee tegen chauffeurs, maar een juridisch obstakel”, aldus FNV-bestuurder Amrit Sewgobind [6]. De vakbond benadrukt dat de rechter niet zegt dat alle chauffeurs zelfstandig zijn [6]. FNV kan nu individuele procedures beginnen voor chauffeurs die zich benadeeld voelen [1][6]. De bond sleepte Uber in 2020 voor de rechter en claimde dat de circa 4000 Nederlandse Uber-chauffeurs eigenlijk werknemers zijn die recht hebben op cao-voorwaarden [5]. Na jaren juridisch getouwtrek lijkt die droom nu verder weg dan ooit.

Gevolgen voor de gig-economie

De uitspraak heeft grote gevolgen voor de Nederlandse gig-economie [GPT]. Uber-chauffeurs hoeven voorlopig geen minimumloon, vakantiegeld of andere arbeidsvoorwaarden te verwachten [GPT]. De Belastingdienst kan wel nog steeds correcties opleggen bij schijnzelfstandigheid, wat kan leiden tot claims op pensioenrechten en sociale zekerheidsrechten [7]. Arbeidsrechtadvocaat Joost van Ladesteijn verwacht dat Uber zijn model zal aanpassen en acht de kans aanwezig dat er toch Uber-chauffeurs met een arbeidsovereenkomst komen [7]. Voor nu blijven Nederlandse Uber-chauffeurs dus zelfstandigen - tenzij FNV succesvol in cassatie gaat bij de Hoge Raad.

Bronnen


arbeidsrecht Uber chauffeurs