Nederlanders krijgen persoonlijke pensioenpotjes maar kunnen ook plotseling hun uitkering zien dalen

Nederlanders krijgen persoonlijke pensioenpotjes maar kunnen ook plotseling hun uitkering zien dalen

2026-02-26 economie

Nederland, donderdag, 26 februari 2026.
Het nieuwe pensioenstelsel vervangt het huidige omslagsysteem door individuele pensioenpotjes die rechtstreeks afhangen van de beurs. Hoewel dit systeem flexibeler is en beter bestand tegen vergrijzing, betekent het ook dat je pensioen kan zakken tijdens economische crises. De overgang moet voor 1 oktober 2027 zijn afgerond, terwijl tegelijkertijd de politiek strijdt over het verhogen van de AOW-leeftijd naar 70 jaar. Critici vrezen een ‘veramerikanisering’ van het Nederlandse pensioensysteem, maar voorstanders wijzen erop dat het huidige systeem al onzeker was - zoals bleek tijdens de kredietcrisis van 2008 toen uitkeringen werden bevroren en gekort. Het nieuwe stelsel maakt deze onzekerheid alleen individueel zichtbaar en beheersbaar, aldus experts.

Pensioenfondsen zoals PGGM maken historische omslag

Grote pensioenfondsen zoals Pensioenfonds Zorg & Welzijn met 3 miljoen leden stappen over van het traditionele omslagstelsel naar persoonlijke pensioenpotjes [1]. Deze overgang is onderdeel van de Wet toekomst pensioenen (Wtp), de grootste pensioenhervorming in decennia [2]. Werkgevers moeten hun pensioenregelingen uiterlijk 1 oktober 2027 hebben aangepast en doorgegeven aan hun pensioenuitvoerder [3]. Voor werknemers betekent dit een fundamentele verandering: je pensioen wordt niet meer collectief beheerd, maar hangt rechtstreeks af van hoe jouw individuele potje presteert op de financiële markten. PGGM rouwt momenteel om het verlies van Dick Boeijen, een van de hoofdarchitecten van deze wet, die begin februari 2026 overleed [2].

Politieke strijd over AOW-leeftijd zorgt voor extra onrust

Terwijl het pensioenstelsel wordt omgebouwd, woedt er een felle politieke strijd over de AOW-leeftijd. Het kabinet-Jetten wil dat de pensioenleeftijd vanaf 2033 één op één meestijgt met de levensverwachting in plaats van de huidige acht maanden per jaar [4][5]. Volgens het Centraal Planbureau zou iemand in 2060 dan pas op 70 jaar en zes maanden met pensioen kunnen [6]. Op 24 februari 2026 schaarden de coalitiepartijen zich echter achter een motie van SGP en Groep-Markuszower om deze plannen te ‘verzachten’ [4][5]. PVV-leider Geert Wilders noemt het voorstel echter ‘te gek’ en eist dat het ‘helemaal van tafel’ moet [4]. Jesse Klaver van GroenLinks-PvdA waarschuwde het kabinet: ‘Pas op wat u doet! Haal dit van tafel’ [5].

Nieuwe risico’s maken bestaande onzekerheid individueel zichtbaar

Critici vrezen een ‘veramerikanisering’ van het Nederlandse pensioenstelsel door risicovolle beleggingen [1]. Maar het nieuwe systeem maakt vooral bestaande onzekerheid zichtbaar en individueel beheersbaar, stellen voorstanders. Het huidige systeem was al onzeker: pensioenen werden bevroren tijdens de kredietcrisis in 2008 en tussen 2012 en 2013 moesten uitkeringen worden gekort [1]. Het verschil is dat je nu persoonlijk kunt meesturen met je pensioenopbouw. Bouwvakkers met kapotte knieën of verpleegkundigen die decennia nachtdiensten draaien krijgen wel te maken met beide veranderingen tegelijk [6]. Nederland pakt hiermee structurele problemen van vergrijzing aan, terwijl buurlanden zoals Duitsland, Frankrijk en België vooral symptomen bestrijden [1].

Bronnen


pensioenhervorming pensioenstelsel