Jetten zet vakbonden voor de coalitie: zo probeert hij een begrotingschaos te voorkomen
Den Haag, maandag, 8 juni 2026.
Premier Jetten schuift de begrotingsonderhandelingen op en spreekt eerst met de vakbonden. Zonder hun steun vreest hij dat geen enkele bezuiniging stand houdt.
De oppositie wacht, de vakbonden gaan voor
Het is 8 juni 2026 en de begrotingsonderhandelingen voor Prinsjesdag zijn nog niet begonnen. Dat is een bewuste keuze van premier Rob Jetten [1]. Zijn minderheidskabinet moet voor het einde van de zomer akkoorden sluiten met zowel oppositiepartijen als vakbonden [1]. Maar Jetten bepaalt de volgorde: eerst de vakbonden, dan de rest. GroenLinks-PvdA-leider Jesse Klaver zegt sinds maart 2026 geen inhoudelijk gesprek meer te hebben gehad met de premier over de kabinetskoers [1]. Dat wringt. Toch houdt Jetten vast aan zijn aanpak. De reden is simpel: als de vakbonden en de oppositie tegelijk aan tafel zitten, loopt alles door elkaar. “Dan gaan de onderhandelingen tussen oppositiepartijen en de vakbonden door elkaar heen lopen. Dat wordt chaos,” zegt een ingewijde [1]. Een betrokkene voegt toe: “Het moet geen knoop worden die niemand meer kan ontwarren” [1]. Dat is precies de knoop die Jetten wil vermijden.
WIA, WW en AOW: dit raakt gewone mensen direct
Wat staat er op het spel? Jetten wil eerst met de vakbonden onderhandelen over bezuinigingen op de WIA, de WW en de AOW [1]. Dat zijn regelingen waar miljoenen Nederlanders direct van afhankelijk zijn. Wie arbeidsongeschikt is, werkloos raakt of met pensioen gaat, merkt het als hier wordt gesneden. Zonder steun van de vakbonden is de kans groot dat elke bezuiniging op straat eindigt — letterlijk, in de vorm van stakingen en protestmarsen. Jetten weet dat. Daar komt nog iets bij: een eerder gesloten cao-akkoord voor rijksambtenaren kost de schatkist al €400 miljoen meer dan begroot [1]. De financiële druk is dus al voelbaar, nog voor de onderhandelingen écht beginnen. Het kabinet wacht bovendien tot begin augustus 2026 op de actuele economische cijfers en de zogeheten ‘eindplaat’ van het Centraal Planbureau (CPB) [1]. Dreigende tegenvallers door de oorlog in Iran en noodzakelijke uitgaven voor koopkrachtbehoud maken die cijfers extra cruciaal [1].
Een lange zomer in het verschiet
BBB begrijpt de aanpak van de vakbonden wel. De partij stelt op sociale media de kernvraag: “Wat valt er dan nog te onderhandelen?” [2]. Als de uitkomst van de bezuinigingen al grotendeels vaststaat, wordt onderhandelen inderdaad een wrange grap [2]. De oppositie zit dus in de wachtkamer, de vakbonden gaan als eerste naar binnen, en de economische cijfers komen pas in augustus [1]. Jetten zelf is helder over wat ons te wachten staat. Zijn samenvatting van de situatie, via een naaste adviseur: “Het wordt een lange zomer” [1]. Voor de gewone Nederlander betekent dit dat er voor Prinsjesdag 2026 nog veel onzekerheid is over de toekomst van zijn pensioen, zijn WW-uitkering en zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering. Jetten gokt erop dat geduld loont. Of die gok uitpakt, weten we pas als de herfst begint.