Daniëlle van de Donk brak bijna: 'Het was de zwaarste periode van mijn leven'
Londen, woensdag, 3 juni 2026.
Oranje Leeuwin Van de Donk overwoog te stoppen na een knieblessure en een reeks kleine kwetsuren. Toch staat ze weer in de selectie.
Van tranen naar selectie
Daniëlle van de Donk (34) had het zwaar. Écht zwaar. De middenvelder van het Engelse London City Lionesses keerde afgelopen zomer terug naar Londen om haar loopbaan daar af te sluiten, maar wat volgde was een aaneenschakeling van ellende [1]. Eerst een teleurstellend EK, daarna een maandenlange knieblessure, en alsof dat nog niet genoeg was: ook nog eens meerdere kleinere kwetsuren [1]. “Elke keer dacht ik weer: we mogen weer. En dan volgt er weer een klap”, zegt Van de Donk openhartig [1]. Ze speelde dit seizoen slechts een handvol wedstrijden [1]. Haar moeder adviseerde haar zelfs te stoppen. “Die vond het zó zielig”, lacht Van de Donk — en dat lachen zegt genoeg [1].
Stoppen flitste door haar hoofd
Van de Donk geeft toe dat ze in haar donkerste momenten wél even dacht aan stoppen [1]. “Dat gaat wel door je hoofd, hoor”, zegt ze eerlijk [1]. Maar de 172-voudig international — die sinds het EK van 2013 geen enkel eindtoernooi miste — zette de knop snel om [1]. “Dan voelde ik me twee dagen zielig en dan gaat het wel weer. Dan heb je je team weer gezien en dat geeft energie” [1]. Bondscoach Arjan Veurink riep haar ondanks het magere seizoen toch op voor de Oranje Leeuwinnen, wat Van de Donk zelf volledig had weten te verpesten met haar eigen lage verwachtingen [1]. “Ik had er helemaal geen rekening mee gehouden dat ik dit seizoen nog minuten zou maken” [1]. Veurink dacht er dus anders over.
WK 2027 als stip op de horizon
Nu staat Van de Donk weer in de selectie, met twee cruciale duels in het verschiet: Ierland op 5 juni 2026 en Polen op 9 juni 2026 [1]. Bij puntenverlies van Frankrijk kan Nederland zich vrijdag al verzekeren van directe WK-plaatsing [1]. En het WK van 2027 in Brazilië? Dat durft Van de Donk nog nauwelijks hardop te zeggen [1]. “Ik heb zoveel tegenslagen gehad, dus dan moet je jezelf ook beschermen. Ik durf eigenlijk nog niet eens te denken aan het WK in Brazilië, maar natuurlijk hoop ik er wel op” [1]. Eén ding is zeker: zolang ze op het veld staat, is de vlam er nog. “Ik word nog steeds zo blij als ik op het veld sta”, besluit ze [1]. Haar moeder zal het met tegenzin aanhoren.