thijs römer breekt stilte: 'ik weet niet eens of ik aangifte tegen mezelf had gedaan'

thijs römer breekt stilte: 'ik weet niet eens of ik aangifte tegen mezelf had gedaan'

2026-06-22 roddel

Amsterdam, maandag, 22 juni 2026.
Acteur Thijs Römer stond zondagavond in Amsterdam voor het eerst openlijk op het podium over zijn veroordeling voor zedenmisdrijven. In zijn voorstelling Een vorm van eenzaamheid liet hij het publiek meekijken in zijn cel, zijn spijt en zijn twijfels. Het meest schokkende? Römer twijfelt of hij aangifte tegen zichzelf zou hebben gedaan. Buiten protesteerden vrouwen met borden als ‘Geen applaus voor kindermisbruik’, binnen zat een zaal vol pers en nieuwsgierigen. Römer kroop in de huid van zijn celgenoten, liet de vernedering van de ‘ducttape-kamer’ zien en erkende: sommige dingen kun je niet terugdraaien. Zijn verhaal roept de vraag op: hoe verwerk je iets waar geen verwerking voor bestaat?

de cel als podium

Amsterdam-Noord, zondagavond 21 juni 2026. Thijs Römer (47) stapt op een kale vloer met twee strepen ducttape. Geen decor, geen coulissen. Alleen een matras, een wc en de woorden ‘Polska’ en ‘Allah is my God’ op de denkbeeldige muren. Dit is cel 16 van de Penitentiaire Inrichting (PI) Middelburg, waar hij in 2023 een maand vastzat voor online zedenmisdrijven met drie minderjarige meisjes [1][2]. Römer laat het publiek zien hoe hij zich moest uitkleden tot op zijn onderbroek, terwijl een (toneel)bewaker toekeek. De ‘ducttape-kamer’ noemt hij het, een plek waar gevangenen worden gefouilleerd. ‘Het is vernederend,’ zegt hij, ‘maar het hoort bij het proces.’ [1] Buiten staan vrouwen met borden: ‘Geen applaus voor kindermisbruik’ en ‘Geen pedo’. Binnen zitten ruim honderd mensen, vooral pers, die meekijken hoe Römer zijn celnummer 12122505 op zijn arm schrijft [1]. Hij vertelt over zijn medegedetineerden: Mo, een drugscrimineel, en Stan, die een lange straf uitzit. ‘Ze vroegen me: Hé, ben jij die acteur?‘, zegt Römer. ‘Ik was de Bekende Gedetineerde, de BG’er.’ [1] Zijn oom, Paul Römer, had het publiek voor de voorstelling al toegesproken: ‘Kom eerst maar eens kijken, oordeel daarna pas.’ [1]

spijt die je niet kunt terugdraaien

Römer erkent in Een vorm van eenzaamheid dat hij spijt heeft. Maar hij twijfelt of hij aangifte tegen zichzelf zou hebben gedaan. ‘Ik weet het niet,’ zegt hij. ‘Misschien had ik het niet gedaan.’ [1] Een uitspraak die inslaat als een bom. Want hoe verwerk je iets waar geen verwerking voor bestaat? Römer laat het publiek zien hoe hij in de gevangenis worstelde met schuldgevoelens. ‘Ik heb berichten gestuurd die ik nooit had mogen versturen,’ zegt hij. ‘En dat kan ik niet terugdraaien, helaas.’ [1] Zijn regisseur en acteur Yorick Zwart speelt in de voorstelling verschillende rollen: een bewaker, een vriend, maar ook een kritische stem. ‘Hij laat zien hoe absurd de situatie is,’ zegt Zwart. ‘Thijs zit vast voor iets wat hij online heeft gedaan, terwijl andere gedetineerden fysieke misdrijven hebben gepleegd.’ [1] Römer hoopt dat zijn verhaal een helende werking heeft gehad voor de slachtoffers. ‘Ik kan alleen maar hopen dat de uitspraak van de rechter hen heeft geholpen,’ zegt hij. ‘Maar ik heb nooit met hen kunnen praten. Dat gesprek begint en eindigt met: Het spijt me.‘ [1] Na de voorstelling is Römer niet beschikbaar voor vragen. Hij heeft zijn verhaal verteld, zijn cel nagebouwd en zijn spijt betuigd. Wat rest is stilte. En de vraag: hoe ga je verder als je aan alle verplichtingen hebt voldaan, maar de maatschappelijke schuld nog altijd voelt? [1]

Bronnen


zedendelicten thijs römer