Raad van Europa opent deur voor strengere deportaties met nieuwe verklaring

Raad van Europa opent deur voor strengere deportaties met nieuwe verklaring

2026-05-15 buitenland

Straatsburg, vrijdag, 15 mei 2026.
Alle 46 lidstaten van de Raad van Europa hebben op 15 mei 2026 de Chișinău-verklaring aangenomen. Deze niet-bindende politieke verklaring geeft landen meer ruimte om migranten uit te zetten, zelfs naar landen waar ze risico lopen op onmenselijke behandeling. Mensenrechtenorganisaties vrezen dat de verklaring de bescherming van migranten verzwakt en druk uitoefent op het Europees Hof voor de Mensenrechten. De verklaring benadrukt het soevereine recht van staten om hun immigratiebeleid te bepalen en opent mogelijkheden voor ‘return hubs’ in derde landen. Nederland steunt actief deze initiatieven om de jurisprudentie van het EHRM te herkaderen, ondanks waarschuwingen van het College voor de Rechten van de Mens over mogelijke ondermijning van mensenrechten.

Nederland steunt controversiële hervorming ondanks binnenlandse kritiek

Nederland speelt een actieve rol in de hervorming van het Europees mensenrechtensysteem [7]. Het land steunt initiatieven die erop gericht zijn de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Mensenrechten (EHRM) te herkaderen, ondanks constitutionele zorgen over de scheiding der machten [7]. Het College voor de Rechten van de Mens waarschuwde de Nederlandse regering nog op 14 mei 2026 om zich in te zetten voor het EVRM en de onafhankelijke positie van het EHRM [8]. De organisatie benadrukte dat de verklaring geen afbreuk mag doen aan het verbod op foltering en de beleidsruimte van het Hof [8]. Toch staat in het Nederlandse coalitieakkoord dat het land ‘pal staat voor Westerse vrije waarden en opkomt voor mensenrechten’ [8].

Praktische gevolgen voor uitzettingsbeleid worden zichtbaar

De verklaring opent concrete mogelijkheden voor strengere deportaties. Staten mogen voortaan asielaanvragen verwerken in derde landen en ‘return hubs’ gebruiken, zolang ze minimale standaarden hanteren [4]. Het Verenigd Koninkrijk kondigde deze week al aan de binnenlandse wetgeving over artikel 8 van het verdrag te wijzigen om migrantenuitzettingen te vergemakkelijken [6]. Buitenlandminister Yvette Cooper stelde dat de verklaring betekent dat landen ‘sterke actie kunnen ondernemen tegen illegale migratie’ terwijl ze internationale standaarden handhaven [6]. De verklaring maakt het ook gemakkelijker om migranten uit te zetten naar landen met overvolle of vervallen gevangenissen [6]. Critici vrezen dat regeringen de verklaring zullen aanvoeren om restrictieve interpretaties van verdragsrechten af te dwingen [2].

Mensenrechtenorganisaties slaan alarm over verzwakking bescherming

Amnesty International, FIDH en ICJ waarschuwden voorafgaand aan de ministerbijeenkomst voor een ‘gevaarlijke terugval’ wat betreft de toewijding van staten aan de onafhankelijkheid van het Hof [5]. Dr. Jean-Pierre Gauci van het British Institute of International and Comparative Law stelde dat de verklaring een signaal afgeeft aan het EHRM om het verdrag te interpreteren op een manier die de politieke prioriteiten van staten ondersteunt, ‘zelfs als er een reëel risico op schade bestaat bij terugkeer’ [1]. Het Europees Hof greep historisch gezien zelden in bij deportatiezaken - slechts 13 keer in de afgelopen 45 jaar [1]. Toch vinden ongeveer 0.001 van de migratiezaken die voor het Europees Hof komen een schending op [6]. Eilis Barry van Free Legal Advice Centres noemt het zorgwekkend dat de verklaring het Hof wil beïnvloeden ‘in de interpretatie van mensenrechten van bepaalde categorieën mensen’ [3].

Bronnen


mensenrechten migratie