Jesse Klaver opent deur voor steun aan minderheidskabinet onder drie harde voorwaarden
Den Haag, vrijdag, 23 januari 2026.
GroenLinks-PvdA leider Jesse Klaver biedt vrijdag 23 januari 2026 onverwacht steun aan het minderheidskabinet van D66, VVD en CDA. Klaver stelt drie niet-onderhandelbare eisen: bescherming van gewone mensen tegen bezuinigingen, oplossen van de stikstofcrisis en verdediging van democratische waarden. Deze uitgestoken hand is cruciaal voor het minderheidskabinet dat afhankelijk is van oppositiesteun. Klaver transformeert van felle tegenstander die het minderheidskabinet een ‘riskant experiment’ noemde naar constructieve oppositieleider die nog voor de zomer akkoorden wil sluiten. De grootste oppositiepartij eist dat plannen ‘socialer en groener’ worden in ruil voor steun. Voor de coalitie betekent dit ademruimte, maar ook de noodzaak tot compromissen. Het regeerakkoord wordt vrijdag 30 januari verwacht.
Van tegenstander naar bondgenoot: Klavers dramatische koerswijziging
Klaver maakte zijn aanbod tijdens een partijbijeenkomst in Den Bosch, waar hij benadrukte: “We reiken de hand. Niet om het kabinet in het zadel te houden, maar om Nederland vooruit te helpen” [1]. Deze houding contrasteert sterk met eerdere uitspraken waarin hij het minderheidskabinet een “riskant experiment” en “cruciale fout” noemde [2]. De timing is cruciaal: door de afsplitsing binnen de PVV is GroenLinks-PvdA nu de grootste oppositiepartij geworden [3]. Voor gewone Nederlanders betekent dit dat hun zorgkosten, ontslagbescherming en leefbaarheid centraal staan in de onderhandelingen. Klaver waarschuwt dat “gewone mensen” niet de rekening mogen betalen van bezuinigingen en dat het niet makkelijker mag worden om mensen te ontslaan [2]. Hij eist dat Nederland “van het stikstofslot afgaat” - wat direct impact heeft op woningbouw en economische groei die nu vastlopen door stikstofregels [1][3].
Ademruimte voor coalitie, maar tegen een prijs
Voor D66-leider Rob Jetten en zijn coalitie betekent Klavers aanbod een welkome opluchting [2]. Het minderheidskabinet van D66, VVD en CDA heeft slechts 66 van de 76 benodigde Kamerzetels [6] en is dus volledig afhankelijk van oppositiesteun. Klaver houdt wel de touwtjes strak in handen: “Als ze onze steun willen, dan zullen de plannen een stuk socialer en groener moeten. Dat snappen zij ook. Maar gaan ze zich zo ook opstellen?” [1] Politiek commentator Frits Wester ziet hierin een tactische zet waarbij Klaver zich profileert als redelijk, maar later verantwoording kan eisen als beleid faalt [4]. Het regeerakkoord wordt naar verwachting vrijdag 30 januari gepresenteerd [1][6], waarna de echte onderhandelingen beginnen. Voor burgers kan dit betekenen dat sociale voorzieningen beter beschermd worden, maar ook dat compromissen leiden tot verwatering van plannen.
Concrete gevolgen voor Nederland
Klavers steun komt met concrete voorwaarden die direct doorwerken in het dagelijks leven van Nederlanders. Hij eist bescherming tegen verslechtering in zorg en ontslag, oplossing van de stikstofcrisis die woningbouw blokkeert, en verdediging van democratische waarden [1][3]. Voor werknemers betekent dit mogelijk betere ontslagbescherming. Voor starters op de woningmarkt kan het snellere oplossing van het stikstofprobleem betekenen dat er weer gebouwd kan worden. Klaver wil nog voor de zomer van 2026 akkoorden sluiten [2][3], wat betekent dat Nederlanders binnen enkele maanden de eerste effecten kunnen merken. Het nieuwe kabinet zou op 23 februari op het bordes kunnen staan [6], maar de echte test komt als concrete wetsvoorstellen ter stemming komen. Dan blijkt of Klavers “verantwoordelijke oppositie” werkelijk verschil maakt voor gewone mensen of dat het vooral politiek theater blijft.