Nederlandse schaatsers jagen op goud tijdens WK sprint en allround in Thialf
Heerenveen, woensdag, 4 maart 2026.
Vanaf morgen strijden twaalf Nederlandse schaatsers in Heerenveen om wereldtitels. Femke Kok wil eindelijk haar eerste goud pakken na twee keer zilver. Joy Beune verdedigt haar allround-titel, terwijl Jordan Stolz beide toernooien rijdt. Het Nederlandse podium van 2024 met Beune, Groenewoud en Rijpma-de Jong staat onder druk van internationale concurrenten zoals Francesca Lollobrigida.
Sprint en allround programma over vier dagen
Het WK sprint vindt plaats op donderdag 5 en vrijdag 6 maart, met telkens races om 19:00, 19:36, 20:23 en 21:21 uur [1]. Het allround kampioenschap volgt op zaterdag 7 en zondag 8 maart, beginnend om 13:05 uur met de 500 meter vrouwen [1][4]. Voor Nederlandse schaatsfans betekent dit vier avonden vol spanning. De NOS zendt alles live uit: donderdag en vrijdag op NPO 3 vanaf 18:50 uur, het weekend op NPO 1 [4]. Thialf is bijna uitverkocht, maar er rijdt een speciale trein die direct bij de ijshal stopt [2].
Nederlandse kansen en favorieten
Femke Kok gaat voor haar eerste wereldtitel na zilver in 2022 en 2024 [1]. Jutta Leerdam, die haar twee keer versloeg, heeft een punt achter haar seizoen gezet [1]. Bij de mannen jaagt Jenning de Boo op revanche - hij werd in 2022 tweede achter de Chinees Ning Zhongyan [1]. Jordan Stolz (21 jaar) verdedigt zijn allround-titel van 2024 en doet ook mee aan de sprint [1][3]. De Nederlandse vrouwen pakten in 2024 alle allround-medailles: Joy Beune (goud), Marijke Groenewoud (zilver) en Antoinette Rijpma-de Jong (brons) [1]. Dit jaar krijgen ze concurrentie van Francesca Lollobrigida, Ragne Wiklund en Valérie Maltais [2].
Afscheid en nieuwe kansen
Het wordt een emotioneel weekend. Miho Takagi en Martina Sablikova nemen afscheid van de internationale schaatssport [2]. Takagi won goud in 2018, Sablikova verzamelde vijf wereldtitels tussen 2009 en 2019 [2]. Voor Nederland biedt dit nieuwe kansen. Marcel Bosker (brons in 2018) moet boven zichzelf uitstijgen voor een medaille [1][2]. Suzanne Schulting bewees rond 28 februari op het NK in vorm te zijn en krijgt een kans naast Kok en Marrit Fledderus [1][2]. Alle Nederlandse deelnemers behalve Bosker en enkele anderen kregen een aanwijsplek - ze kwalificeerden zich niet via het NK [1].