De 71-jarige Ruben B. loopt vrij terwijl justitie 14 jaar cel tegen hem eiste voor moord uit 1992

De 71-jarige Ruben B. loopt vrij terwijl justitie 14 jaar cel tegen hem eiste voor moord uit 1992

2026-03-07 binnenland

Den Haag, zaterdag, 7 maart 2026.
Een 71-jarige man wordt onverwacht vrijgelaten uit voorarrest, ondanks dat het OM recent nog 14 jaar gevangenisstraf tegen hem eiste voor een 34 jaar oude moord in Den Haag. De rechtbank ziet kennelijk onvoldoende bewijs om Ruben B. langer vast te houden voor de dood van garagehouder Loek van Dam, die in 1992 met zes kogels werd doodgeschoten. Het motief zou jaloezie zijn geweest over een affaire tussen Van Dam en B.’s vrouw. Voor de nabestaanden betekent deze vrijlating dat de moord hoogstwaarschijnlijk onopgelost blijft na meer dan drie decennia zoeken naar gerechtigheid. Op 24 maart valt het definitieve vonnis.

Vrijlating na zware eis schokt nabestaanden

De vrijlating van Ruben B. op 6 maart kwam als een klap voor de familie van Loek van Dam [1][2]. Zijn advocaat Elizabeth Bijl bevestigde gisteren dat haar cliënt de beslissing tot opheffing van de voorlopige hechtenis had gekregen [2]. Dit terwijl het Openbaar Ministerie nog geen maand geleden veertien jaar cel tegen de 71-jarige man had geëist [1][2][3]. “Cliënt had gehoopt dat er nu eindelijk, na al die jaren, voor eens en voor altijd duidelijkheid zou komen over wat er met zijn vader is gebeurd,” reageert slachtofferadvocaat Sébas Diekstra [2][3]. Voor families van cold case slachtoffers is dit een pijnlijke realiteit: zelfs wanneer er een verdachte wordt opgepakt, betekent dat nog geen gerechtigheid. Zoals eerder beschreven in ons vorige artikel, werd Van Dam op 27 januari 1992 geëxecuteerd in zijn garage aan de Kritzingerstraat met zes kogels - twee in zijn achterhoofd en vier in zijn rug [2].

Bewijs blijkt na 34 jaar ontoereikend

De rechters concluderen kennelijk dat ondanks aanwijzingen richting Ruben B., zijn schuld niet wettig en overtuigend te bewijzen is [3]. Het OM had destijds afgeluisterde gesprekken van B.’s familie gepresenteerd als bewijs, maar Ruben B. noemde dit “roddelpraat” [1]. De zaak bevat volgens bronnen niet veel meer forensisch bewijs dan in 1992 [3]. Dit toont een cruciaal probleem bij cold cases: hoe ouder de zaak, hoe moeilijker het wordt om sluitend bewijs te vinden. De revolver waarmee Van Dam werd gedood, is nooit gevonden [2]. “Ik heb hem bedreigd met de dood, met mijn mond, maar nooit met een wapen,” verklaarde B. tweeënhalve week geleden in de rechtbank [2]. Het OM weigert commentaar te geven en wacht het vonnis af [1].

Definitief vonnis op 24 maart bepaalt lot cold case

Hoewel de vrijlating een sterke indicatie is voor vrijspraak, blijft het officiële vonnis nog komen op 24 maart [1][2][3]. Voor advocaat Diekstra blijft het belangrijkste “dat alles wordt gedaan wat mogelijk is om alsnog helderheid te krijgen over de moord” [2]. De zoon van Van Dam toont zich dankbaar voor de inspanningen van politie en OM, ondanks de teleurstelling [3]. Deze zaak illustreert hoe cold cases families jarenlang in onzekerheid laten - eerst werd B. in 1992 al eens opgepakt maar vrijgelaten wegens gebrek aan bewijs [1][2]. Ongeveer een jaar geleden werd hij opnieuw gearresteerd na een anonieme tip [1]. Nu, na 34 jaar, lijkt de cirkel rond zonder antwoorden. Voor nabestaanden van andere onopgeloste misdrijven is dit een schrijnend voorbeeld van hoe gerechtigheid soms buiten bereik blijft, zelfs wanneer er een verdachte is.

Bronnen


cold case vrijlating