Doortje Smithuijsen neemt het op tegen de slimste koppen van Nederland in 2026
Nederland, zaterdag, 28 maart 2026.
De 34-jarige filosoof en schrijver Doortje Smithuijsen stapt het beroemde televisiequizprogramma binnen met een indrukwekkend arsenaal aan kennis. Bekend van haar scherpe analyses over sociale media-verslaving, cancelcultuur en de Randstedelijke elite, heeft ze al vijf boeken geschreven en meerdere documentaires geregisseerd. Haar nieuwste werk ‘Kapitalisme is seksisme’ verscheen dit jaar, net als haar boekenweekessay over de generatiekloof. Smithuijsen, die ook populaire podcasts maakt, moet nu bewijzen of haar filosofische denkwerk en maatschappijkritiek haar helpen om de snelste te zijn met antwoorden onder druk.
Van Amsterdam naar de televisie
Smithuijsen werd op 23 januari 1992 geboren in Amsterdam [1]. Ze studeerde journalistiek en filosofie aan de Universiteit van Amsterdam en behaalde in 2017 in beide studies een masterdiploma [1]. Haar carrière startte in 2015 bij NRC, waarna ze columns ging schrijven voor Trouw [1]. Daar onderzoekt ze maatschappelijke ontwikkelingen - precies het soort brede kennis dat handig kan zijn in een quiz. De slimste mens wordt elke werkdag om 21.30 uur uitgezonden bij KRO-NCRV op NPO 1 [1].
Boeken, podcasts en controverses
Tussen 2020 en 2026 schreef Smithuijsen vijf boeken [1]. ‘Gouden bergen’ uit 2020 bekritiseert influencers, gevolgd door ‘Iedereen verslaafd’ over sociale media-afhankelijkheid in 2022 [1]. In datzelfde jaar regisseerde ze de documentaire ‘Sociaal Tribunaal’ over cancelcultuur [1]. Dit jaar verschenen ‘Kapitalisme is seksisme’ en haar boekenweekessay ‘Ik zou uw dochter kunnen zijn’ over de generatiekloof tussen babyboomers en millennials [1]. Daarnaast maakt ze podcasts: de wekelijkse VSR (Voorheen Schaamteloos Randstedelijk) samen met Perre van den Brink en sinds 2024 ‘Old Girls Network’ over vrouwelijke rolmodellen [1].
Randstedelijke elite onder de loep
Smithuijsen focust zich in haar werk op de Randstedelijke elite, wat haar regelmatig kritiek oplevert [2]. Volgens haar is dit juist interessant: ‘Ze zijn niet de meest zielige van het land, maar hoe hun levens zijn ingedeeld en de samenleving met hen omgaat zegt heel veel over Nederland’ [2]. Ze stelt dat de rijkste 10 procent veel kan doen aan vermogensongelijkheid: ‘Elke verkiezing blijft de hypotheekrenteaftrek en [lage] erfbelasting overeind. Uiteindelijk is het aan de rijkste 10 procent om keuzes te maken en op mensen te gaan stemmen die dat gaan veranderen’ [2]. Of haar scherpe maatschappijanalyses haar helpen bij snelle quizvragen blijft de vraag.