Nederland maakt zich op voor economische klappen door oorlog in midden-oosten
Den Haag, dinsdag, 24 maart 2026.
Minister Heinen bereidt verschillende scenario’s voor van ‘huidig naar ernstig’ terwijl brandstofprijzen recordhoogtes bereiken. Diesel kost nu 2,28 euro per liter door het aanhoudende conflict. Het kabinet vreest bredere economische schade zoals hogere inflatie en minder groei, bovenop de al krappe overheidsfinanciën met miljardentekorten door oplopende arbeidsongeschiktheidskosten.
Bedrijven en werknemers voelen de pijn al
Transportbedrijven, rijscholen en taxibedrijven krijgen de klappen nu al te verduren [1]. Benzine kost ongeveer 1,86 euro per liter, terwijl diesel een recordprijs van 2,28 euro per liter heeft bereikt [2]. Ondernemersorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland waarschuwen dat vooral mkb-bedrijven nu al liquiditeitsproblemen hebben omdat ze de stijgende kosten niet kunnen doorberekenen [1]. Ze pleiten voor een tijdelijk publiek fonds waar levensvatbare bedrijven geld uit kunnen lenen. Ook willen ze dat werkgevers meer onbelaste kilometervergoeding mogen geven aan werknemers die naar lastig bereikbare plekken moeten reizen [1].
Kamer debatteert woensdag over economische impact
Morgen om 14.30 uur debatteert de Tweede Kamer over de economische gevolgen van de oorlog [3]. Vier ministers komen naar de Kamer: Heleen Herbert (Economische Zaken), Eelco Heinen (Financiën), Hans Vijlbrief (Sociale Zaken) en Stientje van Veldhoven (Klimaat) [3]. Het debat werd aangevraagd door Tom van der Lee (GroenLinks-PvdA), die waarschuwde dat oorlogen vaak langer duren dan gehoopt [3]. Het kabinet stuurde een brief waarin staat dat ze ‘potentiële maatregelen in kaart brengen voor gerichte ondersteuning’ [3].
DNB-president waarschuwt voor overhaaste steun
DNB-president Olaf Sleijpen vindt het verstandig dat het kabinet wacht met compensatie voor huishoudens [4]. Hij waarschuwt dat eventuele steun ‘gericht en tijdelijk’ moet zijn en bij mensen moet komen ‘die het echt nodig hebben’ [4]. Nibud-directeur Mattias Gijsbertsen ziet een voordeel: ‘In tegenstelling tot de vorige energiecrisis kunnen we problemen al van verre zien aankomen’ [4]. Sleijpen noemt het ‘uiterst onverstandig’ om geld uit te geven zonder dekking, omdat de overheidsfinanciën er ‘op middellange termijn niet goed voor staan’ [4]. De DNB schat dat de economische gevolgen ‘behoorlijk groot kunnen zijn, maar minder dan de energiecrisis van 2022’ [4].