Bijna de helft van Nederland blijft thuis bij gemeenteraadsverkiezingen maar stemmers tolereren geen kritiek van thuisblijvers

Bijna de helft van Nederland blijft thuis bij gemeenteraadsverkiezingen maar stemmers tolereren geen kritiek van thuisblijvers

2026-03-20 politiek

Nederland, vrijdag, 20 maart 2026.
Slechts 53,7% van de Nederlanders stemde deze week bij de gemeenteraadsverkiezingen. Het opvallendste: 8 op de 10 mensen die wel gingen stemmen vinden dat niet-stemmers de komende jaren hun mond moeten houden over lokale politiek. Van de thuisblijvers gaf 57% gebrek aan vertrouwen in de politiek als hoofdreden aan. Ondertussen wonnen anti-azc partijen zetels en probeerden gemeenten jongeren met limousines naar de stembus te lokken.

Stemmers hebben weinig begrip voor thuisblijvers

Het onderzoek van EenVandaag onder meer dan 15.000 leden van het Opiniepanel toont een harde realiteit: 81% van de mensen die wel stemden vindt dat niet-stemmers de komende jaren niet moeten klagen over de lokale politiek [1]. De opkomst van 53,7% betekent dat bijna de helft van alle stemgerechtigden thuisbleef [1][6]. Dat is wel een verbetering ten opzichte van 2022, toen slechts 50,9% kwam opdagen [6]. Een stemmer formuleerde het zo: ‘Stemmen is een recht waar hard voor gevochten is en lang niet overal goed en veilig kan. Als je dat niet belangrijk genoeg vindt, moet je gewoon je mond houden’ [1]. Van de thuisblijvers gaf 57% gebrek aan vertrouwen in de politiek als voornaamste reden aan, terwijl 29% denkt dat hun stem geen invloed heeft [1].

Anti-azc partijen boeken winst, lokale initiatieven proberen jongeren te verleiden

De verkiezingsuitslagen laten zien dat verzet tegen asielzoekerscentra zich vertaalt in stemmen. In Goeree-Overflakkee haalde Trots op Goeree-Overflakkee 10 zetels, terwijl Rechts Stede Broec in Stede Broec met 6 zetels de grootste partij werd [3]. Hart van Hoorn won 6 zetels [3]. Van de 141 nieuwe lokale partijen spraken 24 zich expliciet uit tegen de komst van een azc [3]. Ondertussen probeerden gemeenten jongeren op creatieve manieren naar de stembus te trekken. In Harlingen mocht Lieke, die op verkiezingsdag haar 18de verjaardag vierde, met een limousine naar het stembureau [4]. Uit onderzoek van 2022 bleek dat maar liefst 65% van de jongeren tussen 18 en 24 jaar thuisbleef [6]. Ook mensen met alleen basisonderwijs (70% bleef thuis) en migranten van de eerste generatie (70% stemde niet) zijn minder geneigd te stemmen [6].

Gevolgen voor de democratie blijven onduidelijk

De lage opkomst baart democratie-experts zorgen. Hoogleraar Marcel Boogers stelt dat ‘één op de drie kiezers die wel hun stem uitbrengen voor de Tweede Kamer, thuisblijft als het om de gemeenteraad gaat’ [7]. Docent bestuurskunde Julien van Ostaaijen waarschuwt dat de lokale politiek door de lage opkomst geen realistisch beeld krijgt van wat er leeft in de samenleving [7]. Toch vindt 61% van de deelnemers aan het EenVandaag-onderzoek dat de lage opkomst niet de schuld is van lokale politici, omdat burgers voldoende mogelijkheden hebben om zich te verdiepen in de lokale politiek [1]. Een kwart denkt wel dat lokale partijen iets te verwijten valt: ‘Je ziet en hoort de raadsleden vooral bij de verkiezingen, de rest van de tijd niet’, aldus een deelnemer [1]. De vraag blijft of deze verdeelde houding tussen stemmers en niet-stemmers de democratische legitimiteit van lokale besluiten aantast.

Bronnen


gemeenteraadsverkiezingen politieke participatie