Vijf miljoen Nederlanders zorgen voor familie terwijl ze werken en de overheid kijkt toe
Nederland, donderdag, 19 februari 2026.
De SER slaat alarm: een op de drie volwassen Nederlanders is mantelzorger, maar slechts twee weken krijgen ze betaald verlof. Terwijl werkgevers nu de rekening betalen, wil de adviesraad dat de overheid acht weken betaald zorgverlof regelt. De reden is simpel: door vergrijzing worden er steeds meer mensen ziek, maar zijn er minder jonge handen om te helpen. Vrouwen en zorgmedewerkers lopen het grootste risico op overbelasting. Het huidige systeem faalt zo erg dat mensen gedwongen worden te kiezen tussen hun baan en hun zieke familielid.
Huidige regeling duwt mensen naar uitval
Het probleem zit in de details. Werknemers krijgen nu twee weken betaald kortdurend zorgverlof en zes weken onbetaald langdurend zorgverlof [2]. Van die 80000 mensen die hiervan gebruikmaken, pakt slechts een fractie het onbetaalde deel [2]. Logisch, want wie kan het zich veroorloven om anderhalve maand zonder inkomen te zitten? SER-voorzitter Kim Putters legt de vinger op de zere plek: ‘Vroeg of laat krijgt iedereen ermee te maken. En iedereen die op het werk wel eens een telefoontje heeft gekregen dat vader of moeder onwel is geworden, of van de fiets is gevallen, snapt hoe urgent dit vraagstuk is’ [3]. Ruben Houweling van de SER waarschuwt dat het huidige beleid contraproductief werkt: ‘De ambities van het komende kabinet om zo veel mensen te laten werken zijn goed, maar als je beknibbelt op de zorgsector komen degenen die juist graag willen werken als mantelzorger in de knel’ [1].
Vrouwen en zorgmedewerkers het zwaarst getroffen
De klappen vallen niet gelijk verdeeld. Bijna de helft van vrouwen met tachtigplusouders zorgt voor hen, tegenover ruim een kwart van de mannen [2]. Zorgprofessionals hebben dubbel pech: zij zijn relatief vaker ook mantelzorger [2]. Een kwart van alle mantelzorgers ondervindt al problemen bij het combineren van werk en zorg [3]. Machteld Louwaard (52) stopte met werken om voor haar zoon te zorgen en werd ‘iets dat ik niet wilde zijn: een thuisblijfmoeder’ [3]. Sarah van den Hout kreeg in 2016 een telefoontje van haar moeder over netvliesloslating, stopte haar studie in Den Haag en ging weer thuis wonen om te zorgen [3]. Dit zijn geen uitzonderingen meer, maar een patroon dat steeds vaker voorkomt.
Tijd voor actie voordat het systeem klapt
De cijfers liegen er niet om: in 2040 zijn er nog maar drie potentiële mantelzorgers voor elke oudere, nu zijn dat er vijf [3]. De SER wil dat de overheid 70 procent van het inkomen doorbetaalt tijdens acht weken mantelzorgverlof [3]. Kim Putters stelt het simpel: ‘Werknemers en werkgevers zijn op de werkvloer al jarenlang aan het wheelen en dealen op dit onderwerp, maar we zijn op het punt gekomen dat dit een maatschappelijke opgave is. Mantelzorg gaat de hele samenleving aan’ [3]. De SER pleit ook voor het afschaffen van de kostendelersnorm en betere cao-afspraken [1]. Want zoals Houweling het samenvat: ‘Mantelzorg laat zich niet goed plannen. Soms moet je plots naar een huisarts en dat maakt het vaak stressvol als je daarnaast nog een baan hebt’ [1].