utrecht gaat bestuurd worden door een coalitie die maar 44 procent van de stemmen heeft

utrecht gaat bestuurd worden door een coalitie die maar 44 procent van de stemmen heeft

2026-06-14 politiek

Utrecht, zondag, 14 juni 2026.
Utrecht staat op het punt om een unieke en riskante politieke stap te zetten. Voor het eerst in jaren wordt de stad mogelijk bestuurd door een coalitie van slechts twee partijen: GroenLinks-PvdA en D66. Samen hebben ze een minimale meerderheid in de gemeenteraad, maar die is gebaseerd op slechts 44 procent van de stemmen. Dat betekent dat meer dan de helft van de Utrechters straks géén stem heeft in het college. De formatie verliep chaotisch, met afhakers en politieke uitsluiting. De vraag is nu: hoe stabiel en representatief wordt dit bestuur? Utrecht verdient beter, vinden critici. En de stad houdt haar adem in.

een wankele meerderheid met grote gevolgen

Utrecht krijgt mogelijk een college dat steunt op een wankele basis. GroenLinks-PvdA en D66 hebben samen 22 van de 45 zetels in de gemeenteraad. Dat is precies genoeg voor een meerderheid, maar die rust op slechts 44 procent van de stemmen [1]. De rest van de stad - meer dan de helft van de kiezers - blijft straks buiten het college. ‘Dit is geen breed gedragen coalitie, maar een papieren meerderheid zonder stevig draagvlak,’ zegt de Utrechtse VVD-fractievoorzitter Bas van den Dungen [1]. Hij vraagt zich af hoe alle Utrechters, van Vleuten tot Overvecht, straks goed vertegenwoordigd worden. Want een college dat niet breed gedragen wordt, kan moeilijk beleid maken dat voor iedereen werkt. Denk aan grote thema’s zoals woningbouw, verkeer en klimaat. Als meer dan de helft van de stad zich niet vertegenwoordigd voelt, wordt het lastig om impopulaire maar noodzakelijke maatregelen door te voeren. Bijvoorbeeld: hoe overtuig je bewoners van een parkeerverbod als ze het gevoel hebben dat hun stem niet meetelt? [1]

politieke uitsluiting en tunnelvisie

De formatie verliep allesbehalve soepel. Eerst haakte het CDA af, daarna viel de Partij voor de Dieren (PvdD) weg [1]. De VVD werd op voorhand al uitgesloten door GroenLinks-PvdA. ‘Dit is geen open en zorgvuldige formatie, maar politieke uitsluiting en tunnelvisie,’ aldus Van den Dungen [1]. De verkenner had juist geadviseerd voor een brede coalitie, maar dat advies is genegeerd. Het resultaat: een tweepartijencoalitie die niet representatief is voor de stad. Stel je voor dat je in een wijk woont waar de meerderheid op een andere partij stemde. Hoe vertrouw je dan het beleid van het college? Bijvoorbeeld in Overvecht, waar de VVD traditioneel sterk staat, of in De Meern, waar het CDA veel aanhang heeft [1]. Deze wijken dreigen straks bestuurd te worden door een college dat hun belangen niet centraal stelt. En dat terwijl Utrecht juist behoefte heeft aan verbinding en samenwerking om de grote uitdagingen aan te pakken, zoals de woningnood en de energietransitie.

een stad in onzekerheid

De vraag is nu: hoe stabiel wordt dit college? Met een meerderheid van slechts één zetel kan één raadslid al roet in het eten gooien. Elke beslissing wordt een politieke afweging. Dat kan leiden tot vertraging of zelfs stilstand. Kijk maar naar de portefeuilleverdeling: als één partij het niet eens is met een voorstel, ligt alles stil [1]. Voor Utrechters betekent dit dat belangrijke projecten vertraging kunnen oplopen. Denk aan de bouw van nieuwe woningen, de aanleg van fietspaden of de verduurzaming van scholen. En wat gebeurt er als er een crisis komt? Bijvoorbeeld een stroomstoring of een overstroming. Kan een verdeeld college dan snel en effectief handelen? De VVD waarschuwt: ‘Utrecht verdient beter.’ [1] Maar voorlopig lijkt de stad veroordeeld tot een bestuur dat op gespannen voet staat met een groot deel van de bevolking. De komende maanden zullen uitwijzen of deze coalitie het volhoudt, of dat Utrecht opnieuw naar de stembus moet.

Bronnen


coalitieformatie gemeentepolitiek