Nederland krijgt wet tegen terrorismeverheerlijking maar Raad van State waarschuwt voor vrijheidsbeperking
Den Haag, maandag, 30 maart 2026.
De Raad van State steunt het plan van minister Van Weel om terrorismeverheerlijking strafbaar te stellen, maar eist scherpere afbakening. De wet zou het zwaaien met Hamas-vlaggen of het prijzen van aanslagen kunnen bestraffen met drie jaar gevangenis. Duizenden burgers en organisaties zoals PAX voor Vrede waarschuwen dat activisten voor de Palestijnse zaak onterecht vervolgd kunnen worden. De Raad benadrukt dat vrijheden van meningsuiting niet mogen worden geschonden en vraagt om betere instructies voor rechters en officieren van justitie.
Balans tussen veiligheid en vrijheid blijft hachelijk
De Raad van State concludeert dat het wetsvoorstel geen ‘ontoelaatbare beperkingen van vrijheden’ bevat, gebaseerd op uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens [1][2]. Maar de adviseurs waarschuwen dat vrijheden van meningsuiting, vergadering en godsdienst in concrete gevallen wel geschonden kunnen worden als die rechtspraak niet goed wordt gevolgd [2]. De wet zou uitspraken of symbolen die verband houden met terroristische organisaties strafbaar maken, los van context [2]. Voor burgers betekent dit dat een Hamas-vlag zwaaien of steun uitspreken voor bepaalde organisaties straks drie jaar cel kan opleveren [1]. De Raad benadrukt dat mensen moeten kunnen ‘deelnemen aan het maatschappelijk debat zonder te hoeven vrezen voor strafvervolging’ [2].
Massaal verzet tegen oorspronkelijk voorstel
Toen VVD-minister David van Weel vorig jaar onder het kabinet-Schoof zijn eerste concept deelde, ontstond een storm van protest [2][3]. Duizenden mensen en organisaties reageerden tijdens de publieke consultatie [1][2]. Vredesorganisaties zoals PAX voor Vrede, The Rights Forum en Plant een Olijfboom vreesden dat de wet politiek gemotiveerde vervolgingen mogelijk zou maken [1][2][3]. Hun angst: activisten die steun uitspreken voor de Palestijnse zaak zouden onterecht vervolgd kunnen worden [1][2][3]. Deze kritiek heeft geleid tot aanpassingen in het voorstel, maar de zorgen blijven bestaan.
Minister moet huiswerk maken voor Kamer-behandeling
De Raad van State eist dat Van Weel de toelichting bij het wetsvoorstel verbetert voordat het naar de Tweede Kamer gaat [1][2][3]. Officieren van justitie en rechters moeten beter begrijpen hoe ze de wet moeten toepassen [1][2][3]. Het gaat om een delicate balans: het strafrecht moet ‘voldoende mogelijkheden bieden om tegen het verspreiden van extremistisch gedachtengoed op te treden’, schrijft de Raad [2]. Tegelijk moeten fundamentele rechten beschermd blijven [1]. Voor gewone burgers betekent dit dat de uiteindelijke wet hopelijk duidelijker wordt over wat wel en niet mag - cruciaal in tijden waarin een verkeerd begrepen tweet of Facebook-post je achter de tralies kan brengen.