Bijna de helft van de Iraniërs steunt een buitenlandse militaire aanval op hun eigen land.

Teheran, vrijdag, 18 september 2026. Uit een nieuwe peiling blijkt dat 43 procent van de Iraniërs buitenlandse bommen steunt. Ze willen zo graag van hun regime af, dat ze zelfs oorlog accepteren.
Bommen als breekijzer voor vrijheid
In Iran wil bijna de helft van de bevolking dat buitenlandse legers hun eigen land aanvallen [1]. Dit blijkt vandaag, op vrijdag 18 september 2026, uit een opmerkelijke peiling van Gamaan, een Iraans onderzoeksbureau dat nota bene vanuit Nederland opereert [1]. Waarom u dit aan de ontbijttafel moet schelen? Grote onrust in het Midden-Oosten raakt direct uw portemonnee via de benzinepomp, en een verdere escalatie kan grote vluchtelingenstromen richting Europa op gang brengen [GPT][2]. Maar liefst 43 procent van de 31.000 ondervraagde Iraniërs steunt een militaire interventie door de Verenigde Staten en Israël [1]. De haat tegen het eigen regime is blijkbaar zo groot, dat burgers buitenlandse bommen verkiezen boven hun huidige leiders [1].
De misrekening van de ayatollahs
De oorlog en de luchtaanvallen door de VS en Israël begonnen op 28 februari 2026 [1]. Normaal gesproken kruipt een bevolking bij een buitenlandse dreiging achter de eigen vlag, maar dat gebeurt hier nauwelijks, zegt onderzoeker Ammar Maleki van de Universiteit Tilburg [1]. Bijna 70 procent van de respondenten wil simpelweg van de Islamitische Republiek af [1]. Slechts 9 procent steunt de principes van de Islamitische Revolutie en de Opperste Leider [1]. Sterker nog, bijna 60 procent is ronduit blij dat het regime verzwakt uit de strijd is gekomen [1]. Zelfs de Israëlische premier Benjamin Netanyahu krijgt van de helft van de ondervraagden een duim omhoog [1].
Hopen op een barst in het schild
De woede zit diep; tijdens protesten in januari 2026 scandeerde 79 procent al de leus ‘Dood aan de dictator’ [1]. Maar een regime omverwerpen doe je niet zomaar met boze leuzen op straat [2]. Wetenschappelijke analyses laten zien dat dictaturen pas echt instorten als de elite overloopt of het leger weigert te schieten [2]. Voorlopig houdt Teheran de controle stevig in handen met een gelaagd veiligheidsapparaat van de Revolutionaire Garde en de Basij-militie [2]. Zolang dat schild niet barst, blijft een groot deel van de bevolking hopen op een riskant duwtje van buitenaf [1][2].