Amerikaanse economen winnen de Nobelprijs 2026 dankzij hun visie op ons dagelijks koopgedrag.

Stockholm, maandag, 12 oktober 2026. Op 12 oktober 2026 wonnen Robert Hall en Michael Woodford de Nobelprijs voor Economie. Zij lieten zien dat ons dagelijks spaargedrag bepaalt hoe centrale banken crises voorkomen.
Van verwachting tot uitreiking in Stockholm
Eerder keken we al vooruit naar de bekendmaking van deze bijzondere prijs [1]. Op maandag 12 oktober 2026 kenden de Zweden de eretitel toe aan de Amerikaanse hoogleraren Robert E. Hall van Stanford University en Michael Woodford van Columbia University [2][3]. De Koninklijke Zweedse Academie van Wetenschappen beloont het duo met 12 miljoen Zweedse kronen [2][3][4]. Dat komt neer op ongeveer 1,2 miljoen dollar, wat de heren netjes verdelen [2][3]. Ze kregen de onderscheiding voor hun grondleggende werk aan micro-economische fundamenten onder macro-economische stabilisatie [4].
Hoe uw spaargedrag de economie stuurt
Oude economische modellen keken vooral naar grote cijfers zoals nationale productie en algemene inflatie [2][3]. Hall en Woodford lieten zien dat individuele beslissingen van huishoudens en bedrijven de échte motor zijn [2][3]. Maken mensen plannen voor hun spaargeld of de prijs van hun producten? Dan kijken ze naar de toekomst [2][3]. Centrale banken en overheden sturen de economie aan door helder te communiceren over hun beleid [2][3]. Zo vangen financiële instellingen schokken, zoals een plotselinge energiecrisis, veel beter op [2][3].
Een waardig slot van het Nobelseizoen
Woodford reageerde verrast en noemde de prijs een enorme eer [5]. Hun aanpak vervangt verouderde Keynesiaanse recepten die tijdens de stagflatie in de jaren zeventig vastliepen [5]. Met de uitreiking aan Hall en Woodford sluit de reeks Nobelprijzen van 2026 [2][3]. Afgelopen vrijdag won de Zuid-Afrikaanse Navi Pillay de Nobelprijs voor de Vrede [2][3], een dag nadat de Canadese schrijfster Anne Carson de Literatuurprijs binnensleepte [2][3].