Een jonge verkrachter uit Brugge kiest voor chemische castratie om de cel te ontlopen.

Brugge, maandag, 5 oktober 2026. Een 21-jarige Bruggeling krijgt vijf jaar voorwaardelijk voor verkrachting. Hij laat zich vrijwillig chemisch castreren om zijn oncontroleerbare seksuele driften te onderdrukken en de gevangenis te vermijden.
Digitale gevaren stoppen niet bij de grens
In ons buurland België heeft de correctionele rechtbank in Brugge op maandag 5 oktober 2026 een opvallend vonnis geveld [1][5][6]. Dit dossier is direct relevant voor Nederlandse lezers en ouders: online lokkers stoppen immers niet bij de grens, en de discussie over de aanpak van zedendelinquenten laait ook in Nederland geregeld op [GPT]. De 21-jarige dader deed zich begin 2026 op sociale media voor als een 18-jarige jongen [5]. Hij ontfutselde naaktfoto’s van een 16-jarig meisje uit Dendermonde en misbruikte haar daarna in haar eigen woning tegen haar wil [1][5]. De dader bleek al sinds 2023 minderjarige meisjes online te benaderen [1][5][6].
De werking van chemische castratie
De rechter veroordeelde de man tot een voorwaardelijke celstraf van vijf jaar [1][5][6]. Om de cel te ontlopen, moet hij zich aan strikte voorwaarden houden, waaronder een contactverbod van drie jaar en een schadevergoeding van 4.000 euro [5][6]. De meest opvallende voorwaarde is chemische castratie [1][2][6]. Dit is geen chirurgische ingreep, maar een behandeling met medicijnen [3]. Door middel van dagelijkse pillen of een injectie om de twaalf weken daalt het testosterongehalte van de man tot het niveau van een kind onder de twaalf jaar [2][3]. Hierdoor verdwijnen zijn seksuele driften vrijwel volledig [3].
Vrijwillige behandeling en de cijfers
Chemische castratie is in België nooit verplicht; een dader moet hier altijd zelf mee instemmen [2]. De advocaat van de dader gaf aan dat de man zijn driften niet onder controle krijgt en zelf achter de behandeling staat [5]. Hoewel de behandeling effectief is om het risico op herhaling te verlagen, is het geen permanente oplossing; zodra de medicatie stopt, keren de seksuele prikkels terug [2][3]. Sinds de oprichting in 1993 behandelde het Belgische psychiatrisch centrum Myna ongeveer 400 zedenplegers, van wie circa 30 procent—oftewel 120 patiënten—hormonale therapie onderging [2].