Antoinette Rijpma-de Jong stelt wereldbekerticket veilig na een opvallend moeizame race in Thialf.

Heerenveen, maandag, 2 november 2026. Olympisch kampioene Antoinette Rijpma-de Jong pakte vrijdag ternauwernood een wereldbekerticket op de 1.500 meter. Ze werd vierde, liep achter de feiten aan en miste later plaatsing op de 1.000 meter.
Moeizame schaatsmijl levert startbewijs op
Het schaatsseizoen begon afgelopen weekend in Heerenveen met het World Cup Kwalificatietoernooi [3][5]. Vrijdagavond vocht Antoinette Rijpma-de Jong zich op de 1.500 meter naar de vierde plaats met een tijd van 1.55,27 [3]. Joy Beune won de afstand overtuigend in 1.53,75 [3]. Marijke Groenewoud pakte het zilver in 1.54,88 [3]. De verrassende Gioya Lancee eindigde als derde in 1.55,08 [3]. Rijpma-de Jong gaf direct na afloop ruiterlijk toe: de benen wilden niet meewerken, ze liep de hele rit achter de feiten aan [1][2]. Toch bleef ze de nummer vijf, Merel Conijn (1.55,28), met een verschil van slechts 0 seconde voor [3]. De eerste vijf rijdsters plaatsen zich rechtstreeks voor de wereldbekerwedstrijden [3]. Daarmee mag de dertigplusser haar koffers gewoon pakken voor de internationale toernooien [3][5].
Focus op Peking en emoties buiten de baan
Op de slotdag liep het toernooi minder vrolijk af op het ijs. Rijpma-de Jong eindigde zondag als tiende op de 1.000 meter [5]. Ze greep daardoor definitief naast een ticket voor die afstand [5]. De komende wereldbekers start ze daarom uitsluitend op de schaatsmijl [5]. Het internationale circuit trapt af van 13 tot en met 15 november in Peking [5]. Daarna volgen wedstrijden in Obihiro, Heerenveen en Stavanger [3][5]. Buiten de wedstrijdbeleving om toonde de schaatsster zondag een heel ander perspectief [5]. Ze reed haar Friese oma, haar ‘beppe’, in een rolstoel door Thialf [5]. Haar opa overleed eerder dit jaar, vlak nadat ze olympisch goud had gewonnen in Milaan [3][5]. De familiebanden bleken dit weekend belangrijker dan een perfecte tijd op het scorebord [5].