De vliegende auto uit Brabant stijgt binnenkort echt op.

Raamsdonksveer, maandag, 7 september 2026. Het Brabantse PAL-V mag zijn vliegende auto gaan bouwen van de Europese luchtvaartautoriteit. Eind 2027 moet de driehonderdduizend euro kostende Liberty daadwerkelijk de lucht in gaan.
Groen licht voor de vliegende auto
Het Brabantse bedrijf PAL-V uit Raamsdonksveer mag eindelijk zijn vliegende auto, de Liberty, gaan produceren [1][3]. De Europese luchtvaartautoriteit EASA geeft hiervoor officieel groen licht [1][3]. Topman Robert Dingemanse noemt de definitieve luchtcertificering over achttien maanden nu nog slechts een formaliteit [1]. Hiermee troeft het Nederlandse bedrijf de wereldwijde concurrentie af en claimt het de eerste commerciële vliegende auto ter wereld te leveren [1]. De wegtoelating voor de openbare weg heeft de driewieler al sinds 2020 op zak [3].
Prijzig speelgoed voor de consument
De marktintroductie van de Liberty staat gepland voor het einde van 2027 [2]. Dit voertuig opent een compleet nieuwe markt voor zogeheten ‘FlyDrive mobility’ [3]. Maar vliegen naar je werk blijft voorlopig weggelegd voor de rijken der aarde. De PAL-V Liberty krijgt namelijk een kale consumentenprijs van 299.000 euro exclusief btw [2]. Met de Nederlandse btw van 21 procent erbij kost dit technologische hoogstandje de consument al snel 361790 euro [GPT]. Voor dat geld omzeil je straks wel mooi de dagelijkse files.
Van Rotterdamse kade naar het congres
Nieuwsgierigen konden de vliegende auto afgelopen weekend, tijdens de Wereldhavendagen van 4 tot en met 6 september 2026, al bewonderen op de Innovatiekade in Rotterdam [2]. Wie topman Dingemanse live wil horen spreken over de loodzware weg naar deze luchtvaartcertificering, kan op 24 september 2026 terecht op het congres TiECon in Amsterdam [3]. PAL-V bewijst hiermee dat sciencefiction definitief verandert in een tastbaar, Nederlands exportproduct [3].