De Geïllustreerde Kunstmatige Intelligentie
maandag 03 aug.
binnenland maandag 3 augustus 2026

De vertrouwde huisarts aan uw bed verdwijnt in rap tempo uit ons straatbeeld.

De vertrouwde huisarts aan uw bed verdwijnt in rap tempo uit ons straatbeeld.

Utrecht, maandag, 3 augustus 2026. Huisartsen halveerden hun huisbezoeken in vijftien jaar tijd. Hoge werkdruk en lage vergoedingen dwingen artsen om patiënten vaker naar de praktijk te laten komen.

Geen dokter meer aan de keukentafel

In Nederlandse steden en dorpen, van Groningen tot Maastricht, verdwijnt de huisarts in rap tempo uit het straatbeeld. De vertrouwde dokter die met zijn tas langskomt voor een controle is een zeldzaamheid geworden. Afgelopen jaar, in 2025, legden huisartsen nog maar 98 huisbezoeken af per 1.000 patiënten [1]. Vijftien jaar geleden, in 2011, waren dat er nog ruim 207 [1]. Vooral de korte bezoekjes van minder dan twintig minuten namen spectaculair af met 70 procent [1]. De oorzaak? Tijdgebrek en een scheve rekensom. Een huisbezoek kost inclusief reistijd al snel 30 tot 40 minuten en levert de arts slechts 19,77 euro op [1]. In diezelfde tijd kan de dokter op de praktijk drie patiënten helpen [1]. Drie consulten van een kwartier leveren samen 39.54 euro op, tegenover die schamele 19,77 euro voor een ritje buiten de deur [1].

De druk op de mantelzorger

Huisarts David Schaap vindt de visites prachtig, omdat je in de thuissituatie meteen ziet wat er misgaat [1]. Toch noemt hij de gulle planning ervan onhoudbaar [1]. De praktijk dwingt patiënten nu vaker om zelf te komen [1]. ‘Vraag uw kinderen of mantelzorgers maar voor vervoer’, klinkt het dan [1]. Maar daar wringt de schoen. Door de vergrijzing en het gebrek aan verpleeghuisplekken moeten kwetsbare ouderen juist langer thuis blijven wonen [1]. Zij hebben die bezoeken hard nodig, terwijl de druk op de mantelzorgers hierdoor alleen maar verder toeneemt [1][2]. De pandemie heeft ons bovendien geleerd om terughoudender te zijn met bellen [1].

De praktijkondersteuner schiet te hulp

Gelukkig staat de huisarts er niet helemaal alleen voor. Ruim 40 procent van de praktijken zet tegenwoordig een praktijkondersteuner (POH) Ouderenzorg in voor deze thuisbezoeken [1]. Deze bezoeken tellen niet mee in de officiële cijfers van de huisarts, wat de daling deels verklaart [1]. Volgens onderzoeker Joost Vanhommerig van het Nivel lijdt de kwaliteit van de zorg er gelukkig niet onder; artsen selecteren simpelweg strenger wie écht niet kan reizen [1]. Huisarts Chris Nijdam stelt gerust: een tachtigjarige met een longontsteking krijgt nog altijd gewoon een bezoek aan huis [1]. Voor de minder acute klachten zult u toch echt zelf de gang naar de wachtkamer moeten maken [1].

Bronnen