De strijd om het EU-budget laait op nu Nederland en Duitsland de voorgestelde bezuinigingen van miljarden euro's nog lang niet genoeg vinden.

Brussel, zaterdag, 10 oktober 2026. Ierland wil 141 miljard euro schrappen in de nieuwe EU-begroting. Duitsland en Nederland eisen direct nog grotere ingrepen, terwijl het Europees Parlement juist extra geld eist.
Iers voorstel schiet tekort volgens zuinige landen
Ierland wilde eerder al 141 miljard euro schrappen in de nieuwe meerjarenbegroting voor 2028 tot 2034 [2]. Op zaterdag 10 oktober 2026 ligt er een herzien voorstel op tafel met een bezuiniging tot 159 miljard euro op een totaal van 1,6 biljoen euro [1][2]. Dat is een vermindering van 8 procent ten opzichte van de plannen van de Europese Commissie [2]. Zuinige lidstaten vinden dit mes echter lang niet diep genoeg snijden [1][2]. Het Europees Parlement verzet zich juist fel tegen deze kortingen en eist zelfs een verhoging van 10 procent bovenop het oorspronkelijke Commissievoorstel [2][5].
Nederland en Duitsland trappen op de rem
De Duitse bondskanselier Friedrich Merz waarschuwt dat de voorgestelde bezuinigingen onvoldoende zijn [1]. Volgens Merz moet de EU-begroting betaalbaar blijven voor de landen die de zwaarste lasten dragen [2]. Ook de Nederlandse minister van Financiën Eelco Heinen slaat alarm [3][4]. Europa geeft te veel geld uit en hervormt te weinig, stelde Heinen op donderdag 8 oktober 2026 [3]. Door deze opstelling van de nettobetalers raakt een akkoord voor het einde van het jaar uit zicht [1]. Het voorgestelde plan bevat ook 55 miljard euro aan nieuwe inkomsten via douanerechten en heffingen op grote bedrijven [2].
Spanning stijgt richting de EU-top
Voorzitter van de Europese Raad António Costa benadrukte op vrijdag 9 oktober 2026 dat de begroting geen boekhoudkundige trucs moet bevatten [6]. Volgens Costa moet het budget duidelijke strategische keuzes tonen voor burgers, boeren en onderzoekers [6]. Op donderdag 15 en vrijdag 16 oktober 2026 komen de EU-leiders bijeen op een top in Brussel om te onderhandelen [2]. Alle 27 lidstaten moeten unaniem instemmen met het uiteindelijke financiële kader [2]. De verhitting rond de tafel laat zien dat de posities voorlopig nog mijlenver uit elkaar liggen [1][5].