De wolf brengt het natuurlijke instinctsgedrag terug bij prooidieren op de Veluwe.

Veluwe, zaterdag, 17 oktober 2026. Door de aanwezigheid van honderd wolven vertonen zwijnen en herten weer hun natuurlijke vluchtgedrag. De dieren zijn een stuk alerter. Wel maakt dit aangepaste gedrag het jachtbeheer een stuk lastiger.
Schrik in het bos rond Apeldoorn
Op de Veluwe in Gelderland is het luie leventje voor het wild definitief voorbij [1]. Rondom Apeldoorn en omliggende dorpen tellen we inmiddels zo’n honderd wolven verdeeld over verschillende roedels [1][2]. Boswachter Teunissen ziet het gebeuren: prooidieren hadden vroeger weinig pit, maar zijn nu weer scherp en alert [1]. Een wandelaar die hoopt op een ’tamme’ ontmoeting met een hert komt tegenwoordig van een koude kermis thuis [1]. Het natuurlijke vluchtgedrag is helemaal terug [1].
Slimmere zwijnen en stiekeme herten
De prooidieren passen hun dagelijkse routines slim aan op de aanwezigheid van de jager [1]. Wilde zwijnen klitten samen in enorme groepen en zoeken dekking bij Schotse hooglanders [1]. Edelherten verstoppen hun kalfjes liever aan de buitenranden van het gebied en zogen hun jongen minder vaak [1]. Reeën vermijden de drukke uren en grazen vooral stil in de nacht [1]. Zelfs voor doorgewinterde fotografen wordt het een flinke uitdaging om dit schuwe wild nog voor de lens te krijgen [1].
Kopzorgen voor de jager
Voor de natuur is deze opruimdienst prachtig, maar voor het wildbeheer brengt dit gedrag flinke uitdagingen met zich mee [1]. Doordat zwijnen in grote groepen samenblijven, schiet een jager op een avond vaak maar één dier voordat de hele groep er vandoor gaat [1]. De Faunabeheereenheid Gelderland benadrukt dat menselijk afschot noodzakelijk blijft om het aantal verkeersaanrijdingen te beperken en schade aan het bos te voorkomen [1]. De wolf reguleert de aantallen simpelweg niet snel genoeg om de provinciale doelen te halen [1].