De politie in Ter Apel kan het aanhoudende geweld niet meer de baas.

Ter Apel, zaterdag, 26 september 2026. Na dertien jaar geweld is de maat vol in Ter Apel. Agenten kunnen de criminaliteit niet meer aan. Conducteurs laten agressieve zwartrijders zelfs bewust lopen voor hun eigen veiligheid.
Onmacht in Groningen
In het Groningse Ter Apel is de maat nu echt vol. De lokale politie luidt de noodklok, want agenten kunnen het aanhoudende geweld, de diefstallen en de overlast rondom het asielzoekerscentrum nauwelijks nog de baas [1]. De regio zucht inmiddels al dertien jaar onder deze zware druk [1]. Ondertussen is er felle kritiek op de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) [1]. Zij hielden cijfers over ernstige incidenten van het afgelopen jaar lange tijd achter slot en grendel [1].
Agressie op het spoor
De ellende stopt niet bij het hek van het aanmeldcentrum, maar reist vrolijk mee met de trein. Op de Vechtdallijn tussen Emmen en Zwolle is de situatie zo grimmig dat spoorvervoerder Arriva conducteurs adviseert om agressieve zwartrijders maar gewoon te laten lopen [2]. Veiligheid gaat voor alles. De vervoerder ziet het aantal reizigers zonder geldig kaartje fors toenemen en linkt dit direct aan de groei van het aantal bewoners bij het COA in Ter Apel [2]. Om de orde te handhaven, voert Arriva nu de hele dag perroncontroles uit op de stations van Emmen en Zwolle [2]. Dat kost de vervoerder jaarlijks ruim een miljoen euro [2].
Roep om harde maatregelen
De politieke partij BBB in Drenthe pikt deze situatie niet langer en eist dat de landelijke overheid over de brug komt met geld en harde maatregelen [2]. Statenlid Björn Schutte vindt dat de perroncontroles absoluut moeten blijven, ongeacht wie uiteindelijk de rekening betaalt [2]. De partij pleit voor extra politiecapaciteit op en rond het station en wil boa’s uitrusten met een wapenstok en pepperspray om zichzelf te kunnen verdedigen [2]. Zonder structurele steun vanuit Den Haag blijft het dweilen met de kraan open op het Drentse spoor [2].