Minister Vijlbrief geeft gemeenten twintig miljoen euro om schuldenaren persoonlijk te hulp te schieten.

Utrecht, zaterdag, 26 september 2026. Jaarlijks stromen een miljoen schuldsignalen binnen bij gemeenten, maar hulp strandt vaak op papier. Met twintig miljoen euro extra gaan ambtenaren nu persoonlijk langs de deuren voor snelle hulp.
Papieren signalen stapelen zich op
In Den Haag en de rest van Nederland luiden de alarmbellen over oplopende betalingsachterstanden [1][5]. De postbode bezorgt stapels brieven, maar de echte hulp blijft vaak uit [1][6]. Jaarlijks stromen er bij gemeenten maar liefst 1 miljoen meldingen binnen van zorgverzekeraars, energiebedrijven en woningcorporaties over inwoners die hun rekeningen te laat betalen [2][3]. Hoewel dit systeem van vroegsignalering is bedoeld om problematische schulden snel in de kiem te smoren, verzuipen gemeenten in het werk [1]. Het lukt ambtenaren daardoor steeds minder vaak om effectieve hulp op te starten [1].
Bellen werkt beter dan schrijven
De cijfers liegen er niet om: meer dan de helft van de meldingen betreft achterstanden tussen de 250 en 1.000 euro [1]. Maar hoe bereik je deze mensen? Een brief sturen is dweilen met de kraan open; dat leidt in slechts 7 procent van de gevallen tot een reactie [1]. Bellen werkt veel beter en scoort een responscijfer van 60 procent [1]. Uiteindelijk accepteert slechts 33 procent van de bereikte personen de aangeboden hulp, wat neerkomt op een schamele 6 procent van alle vroegsignaleringen [1]. Zonder snelle actie kunnen de extra lasten bij een huurachterstand van bijvoorbeeld 1.600 euro door incassokosten al snel oplopen met 240 euro [8].
Twintig miljoen voor de persoonlijke touch
Om dit tij te keren, ondertekende minister Hans Vijlbrief op donderdag 24 september 2026 nieuwe bestuurlijke afspraken in Den Haag met onder andere de VNG en Divosa [2][3][5]. Het kabinet trekt structureel 20 miljoen euro per jaar uit om het bereik van huishoudens met beginnende schulden tegen 2029 te verdubbelen naar 40 procent [2][3][5]. Vijlbrief benadrukt dat persoonlijk contact beter helpt dan nóg een brief op de mat [2][6]. Gemeenten gaan dit geld gebruiken voor extra medewerkers die telefonisch contact zoeken of direct aanbellen voor een goed gesprek [2][6][8].