De Slowaakse premier Robert Fico vreest zijn krappe meerderheid te verliezen door ruzie binnen een coalitiepartner.

Bratislava, zaterdag, 26 september 2026. Een ruzie binnen regeringspartij SNS brengt de macht van premier Fico in gevaar. Als milieuminister Taraba opstapt, verliest de regering direct haar krappe meerderheid van slechts drie zetels.
Interne ruzie splijt de Slowaakse coalitie
De Slowaakse premier Robert Fico zit met de handen in het haar [1]. Gisteren, op vrijdag 25 september 2026, waarschuwde hij dat zijn links-nationalistische kabinet de krappe meerderheid in het parlement kan verliezen [1]. De boosdoener is een ordinair politiek gevecht binnen de uiterst rechtse, pro-Russische Slowaakse Nationale Partij (SNS), een van zijn coalitiepartners [1]. Partijleider Andrej Danko eist het vertrek van milieuminister Tomáš Taraba [1]. Maar Taraba dreigt bij zijn ontslag zijn eigen fractie op te richten en zijn steun in te trekken [1]. Daarmee hangt Fico’s meerderheid van slechts drie zetels in het 150-koppige parlement aan een zijden draadje [1].
Gevolgen voor de burger en het beleid
Voor de gewone Slowaak betekent deze chaos vooral politieke verlamming, net nu het land belangrijke besluiten moet nemen over de begroting [3]. De coalitie heeft simpelweg geen lucratieve staatsfuncties meer over om opstandige politici mee te paaien [2]. Als de regering valt, dreigen er vervroegde verkiezingen [1]. Dat is slecht nieuws voor Fico. Peilingen laten namelijk zien dat de huidige machthebbers weleens het veld moeten ruimen voor een bonte verzameling liberalen en conservatieven [1]. De premier probeert de brand nu te blussen door zijn ontslagaanvraag voor Taraba voorlopig te bevriezen bij president Peter Pellegrini [3].
Fico stelt een hard ultimatum
Fico stelt de SNS-leiding nu voor een hard ultimatum: lever harde garanties voor een stabiele meerderheid, of Taraba blijft gewoon zitten waar hij zit [1][3]. De premier weigert politieke zelfmoord te plegen voor een interne partijruzie [1][3]. Of deze tactiek werkt, moet snel blijken. De SNS staat er in de peilingen met een schamele 2.5 tot 3 procent dramatisch voor [2], waardoor de partij nerveus vecht voor haar politieke overleving [2]. Zonder stabiele meerderheid regeert het een stuk lastiger, zelfs voor een premier die bekendstaat om zijn warme banden met het Kremlin [1].