Kiezers van de oppositie fluiten hun eigen kritische partijleiders terug over de nieuwe begroting.

Den Haag, zaterdag, 5 september 2026. Terwijl oppositiepartijen mopperen over de gelekte plannen, wil tachtig procent van hun kiezers juist dat ze snel gaan polderen met het kabinet.
Kiezers willen polderen
De achterban van oppositiepartijen PRO en JA21 fluit de eigen partijtop resoluut terug [1][2]. Terwijl de partijleiders deze week felle kritiek uitten op de uitgelekte begrotingsplannen van het minderheidskabinet, eist de kiezer dat ze gaan onderhandelen [1][2]. Het kabinet heeft die steun hard nodig om de begroting voor volgend jaar door de Eerste en Tweede Kamer te loodsen [1][2]. Uit onderzoek van het RTL Nieuwspanel op 2 en 3 september 2026 blijkt dat maar liefst 79 procent van de JA21-kiezers openstaat voor dit overleg [1][2]. Slechts 18 procent van hen wil de gesprekken absoluut niet steunen [1][2].
Brede roep om dialoog
Ook bij de achterban van PRO wil de overgrote meerderheid dat de partij de dialoog aangaat met de coalitie [1][2]. Minder dan 5 procent van de PRO-kiezers wijst overleg volledig af [1][2]. Eén op de zeven PRO-kiezers wil zelfs praten als het kabinet bijna geen eisen inwilligt [1][2]. Deze constructieve houding leeft breed onder de oppositie: circa negen op de tien kiezers van Volt en ChristenUnie, en acht op de tien kiezers van de PvdD, SP en 50PLUS willen dat hun partij om tafel gaat [1][2]. Zelfs zeventig procent van de BBB-kiezers steunt dit [1][2]. De kiezer begrijpt dat constructief meepraten direct invloed heeft op hun dagelijkse portemonnee [GPT].
Scepticisme regeert
Toch is het vertrouwen in een goede afloop flinterdun. Slechts één op de zes kiezers gelooft dat het kabinet de komende weken ook echt steun zal vinden [1][2]. Zelfs onder coalitiekiezers heeft slechts 30 procent er geloof in [1][2]. D66-kiezers zijn met 39 procent het meest optimistisch, terwijl VVD-kiezers met 16 procent het minst geloven in een deal [1][2]. Dat is een verschil in vertrouwen van 23 procentpunt [1][2]. De onderhandelingen werden vorige week stilgelegd en de plannen liggen inmiddels bij de Raad van State [1][2]. De kiezers hebben gesproken: het is tijd om de Haagse loopgraven te verlaten [GPT].