De tolerantie voor homoseksualiteit onder Nederlandse pubers is in vier jaar tijd dramatisch gekelderd.

Utrecht, zondag, 20 september 2026. Slechts 22 procent van de jongens denkt nog positief over homoseksualiteit. Onderzoekers wijzen geschrokken naar de groeiende invloed van vrouwonvriendelijke online netwerken op sociale media.
Terugval op het schoolplein
In Utrecht presenteren onderzoekers vandaag, op zondag 20 september 2026, schokkende cijfers over de Nederlandse jeugd [1][2]. De tolerantie voor homoseksualiteit onder scholieren van elf tot zestien jaar maakt een flinke duikvlucht [1]. Waar in 2021 nog 40,3 procent van de jongens positief dacht over homoseksualiteit, is dat in 2025 bijna gehalveerd naar 22,3 procent [1][2]. Dat is een daling van -18 procentpunt. Ook de meiden doen mee aan deze trend: hun acceptatiecijfer kelderde van ruim 75 procent naar net iets meer dan 50 procent [1]. Twee zoenende mannen op straat? Dat vinden pubers tegenwoordig steeds vaker gewoon ‘vies’ [1].
De greep van de manosfeer
Hoe we in deze conservatieve spiraal zijn beland? Onderzoekers wijzen resoluut naar de ‘manosfeer’ op sociale media [1][2]. De helft van de Nederlandse pubers tussen de twaalf en achttien jaar scrolt regelmatig langs video’s vol vrouwonvriendelijke en oerconservatieve denkbeelden [1]. De sfeer op school verhardt hierdoor in sneltreinvaart. Slechts 45 procent van de scholieren gelooft nu nog dat je op school openlijk voor je geaardheid kunt uitkomen [1][2]. In 2021 was dat nog 60 procent [2]. Daarmee is de sociale veiligheid voor lhbtqia+-jongeren in één klap teruggeworpen naar het niveau van 2009 [1].
Tijd voor actie van volwassenen
Dit is geen abstract probleem; jouw kind of buurjongen zit dagelijks in deze verharde realiteit [GPT]. Volgens Rutgers-onderzoeker Javier Koole heerst onder jongens het idee dat het ’niet mannelijk’ is om op te komen tegen lhbtqia+-discriminatie [1]. Dat vergroot de kans op mentale problemen bij deze kwetsbare groep jongeren enorm [1]. De oplossing ligt volgens de experts bij de volwassenen. Als een leraar of ouder hoort dat er op het schoolplein of op de sportclub met ‘gay’ wordt gescholden, moet die direct ingrijpen en de grens trekken [1]. Alleen zo herstellen we samen de positieve norm [1].